Advertisement

7 Casusconceptualisatie in schematherapie

  • H. van Genderen

Samenvatting

Het is essentieel dat de problematiek zo volledig mogelijk in kaart wordt gebracht, alvorens daadwerkelijk met schematherapie (ST) te starten (onder andere Beck, Freeman, Davis & Associates, 2004; Van Genderen & Arntz, 2005; Young, Klosko & Weishaar, 2005). Het maakt voor de therapeut en de patiënt inzichtelijk welke schema’s een rol spelen, hoe zij zijn ontstaan en wat de invloed van de schema’s is op de huidige problematiek.

Literatuur

  1. Arntz, A., & Bögels, S. (2000). Schemagerichte cognitieve therapie voor persoonlijkheidsstoornissen. Houten/Diegem: Bohn Stafleu van Loghum.Google Scholar
  2. Beck, A.T., Freeman, A., Davis, D., & Associates (2004). Cognitive Therapy of Personality Disorders, New York: The Guilford Press.Google Scholar
  3. Bieling, P.J., & Kuyken, W. (2003). Is cognitive case formulation science or science fiction? Clinical Psychology: Science and Practice, 10, 52–69.Google Scholar
  4. Genderen, H. van, & Arntz, A. (2005). Schemagerichte cognitieve therapie bij borderline-persoonlijkheidsstoornis. Amsterdam: Uitgeverij Nieuwezijds.Google Scholar
  5. Henry, L.A., & Wiliams, R.M. (1997). Problems in Conceptualization within Cognitive Therapy: An Illustrative Case Study. Clinical Psychology and Psychotherapy, 4, 201–213.CrossRefGoogle Scholar
  6. Kuyken, W., Fothergill, C.D., Musa, M., & Chadwick, P. (2005). The reliability and quality of cognitive case formulation. Behaviour Research and Therapy, 43, 1187–1201.PubMedCrossRefGoogle Scholar
  7. Lobbestael, J., Vreeswijk, M.F. van, Arntz, A., & Spinhoven, Ph. (aangeboden voor publicatie). Reliability and validity of the Schema Mode Inventory (SMI).Google Scholar
  8. Perris, C. (1999). A Conceptualization of Personalityrelated Disorders of Interpersonal Behaviour with Implications for Treatment. Clinical Psychology and Psychotherapy, 6, 239–260.CrossRefGoogle Scholar
  9. Sterk, F., & Rijkeboer, M.M. (1997). Schema-Vragenlijst (Schema-Questionnaire). Utrecht: Ambulatorium Utrecht University.Google Scholar
  10. Young, J.E. (1994). Young Parenting Inventory. New York: Cognitive Therapy Center of New York.Google Scholar
  11. Young, J.E. (1995). Young Compensation Inventory. New York: Cognitive Therapy Center of New York.Google Scholar
  12. Young, J.E., & Brown, G. (1994). Young Schema-Questionnaire (second edition). In: J.E. Young, Cognitive therapy for personality disorders: A schema-focused approach (rev. edition) (p. 63–76). Sarasota, FL: Professional Resource Press.Google Scholar
  13. Young, J.E., Klosko, J.S., & Weishaar, M.E. (2005). Schemagerichte therapie. Handboek voor therapeuten. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.CrossRefGoogle Scholar
  14. Young, J.E., & Rygh, J. (1994). Young-Rygh Avoidance Inventory. New York: Cognitive Therapy Center of New York.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Uitgeverij 2008

Authors and Affiliations

  • H. van Genderen

There are no affiliations available

Personalised recommendations