The Netherlands

Chapter
Part of the Sports Economics, Management and Policy book series (SEMP, volume 8)

Abstract

This chapter sheds light on the characteristics of the Dutch sport system, sport policy, and sport participation. In addition attention is paid to facilities use for sport participation and the role of sport facilities in enhancing sport participation. For this purpose an overview is given of recent policy documents related to sport, and analyses are conducted on national sport participation surveys that include the abovementioned topics.

In this chapter we conclude that in the Netherlands the sport clubs are the most important frameworks for organized sport activities. The Netherlands is characterized by a strong sport club system and a good sport infrastructure. This is a result of the investments of the government in facilitating sport and the high degree of sport voluntary work in the Netherlands.

The government considers sport as a mean to achieve objectives set out in other policy fields such as welfare and public health. Most prominent policy target is to increase sport participation to 75 % in 2016. Although, the results indicate that sport participation has been stable for the past 5 years, around 65 %. To raise sport participation rates, additional sport facilities seem to have little effect given the high standard of sport facilities in the Netherlands. Offering new proven effective activities to target groups in cooperation with local partners using existing facilities is a more promising and viable approach to increase sport participation rates in the Netherlands.

Keywords

Income 

References

  1. Beckers, T. A., & Serail, S. (1991). Nieuwe verhoudingen in de sport: de toekomst van het nationaal sportbeleid in het licht van maatschappelijke ontwikkelingen. Katholieke Universiteit Brabant: Vakgroep Vrijetijdswetenschappen; IVA, Instituut voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek.Google Scholar
  2. van Bottenburg, M. (1999). Van Pro tot Prof. 50 jaar lokaal sport en recreatiebeleid. Dordrecht: LC.Google Scholar
  3. Breedveld, K., Van der Poel, H., De Jong, M., & Collard, D. (2011). Beleidsdoorlichting Sport: hoofdrapport. Utrecht: W.J.H. Mulier Instituut:’s-Hertogenbosch.Google Scholar
  4. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). (2007). Facility Use Survey (AVO). http://www.scp.nl/Onderzoek/Bronnen/Beknopte_onderzoeksbeschrijvingen/Aanvullend_voorzieningengebruikonderzoek_AVO. Accessed 24 June 2013.
  5. European Commission. (2010). Sport and physical activity. Special Eurobarometer 334/wave 72.3. Brussels.Google Scholar
  6. Hoekman, R. (2013). Slotbeschouwing. In Sportaccommodaties in beeld (pp. 173–185). Nieuwegein, Utrecht: Arko Sports Media/Mulier Instituut.Google Scholar
  7. Hoekman, R., Collard, D., & Cevaal, A. (2011). Sportinfrastructuur in Nederland. Quickscan sportaccommodaties en sportorganisaties. ’s-Hertogenbosch: W.J.H. Mulier Instituut.Google Scholar
  8. Hoekman, R., & Van der Poel, H. (2009). Sport: Speelbal voor de ruimtelijke ordening. Rooilijn; Tijdschrift voor wetenschap en beleid in de ruimtelijke ordening, 42(2), 458–465.Google Scholar
  9. Hoenderkamp, K., & Hoekman, R. (2013). Spreiding sportaccommodaties. In Sportaccommodaties in beeld (pp. 53–71). Nieuwegein/Utrecht: Arko Sports Media/Mulier Instituut.Google Scholar
  10. Kamphuis, C., & Van den Dool, R. (2008). Sportdeelname. In K. Breedveld, C. Kamphuis, & A. Tiessen-Raaphorst (Eds.), Rapportage sport 2008 (pp. 74–101). Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), W.J.H. Mulier Instituut.Google Scholar
  11. Mulier Institute. (2011a). Injuries and Physical Activity in the Netherlands (OBiN). http://www.veiligheid.nl/onderzoek/ongevallen-en-bewegen-in-nederland-obin. Accessed 24 June 2013.
  12. Mulier Institute. (2011b). Nationaal Sport Onderzoek. http://www.mulierinstituut.nl/projecten/monitoringprojecten/sportersmonitor-nationaal-sportonderzoek.html Accessed 24 June 2013.
  13. Policy Research Corporation. (2008). De economische betekenis van sport in Nederland. Rotterdam: PRC.Google Scholar
  14. Pouw, D. (1999). 50 jaar nationaal sportbeleid: Van vorming buiten schoolverband tot breedtesport (Dutch ed.). Tilburg: Tilburg University Press.Google Scholar
  15. Tiessen-Raaphorst, A., & Van den Dool, R. (2012). Factsheet: Ontwikkeling van sportparticipatie, verenigingslidmaatschap en vrijwilligerswerk in de sport na 2007. Den Haag: Social en Cultureel Planbureau.Google Scholar
  16. Van der Meulen, J., Boskamp, J., Daems, E., Goossens, R., Oostrom, C., & Van den Tillaart, J. (2012). De bijdrage van sport aan de Nederlandse economie. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek.Google Scholar
  17. Van der Werff, H., & Hoekman, R. (2011). Integraal, interactief en SMART. Een inventarisatie van lokaal sport- en beweegbeleid. ’s-Hertogenbosch: W.J.H. Mulier Instituut.Google Scholar
  18. Vos, J. (1998). Recreatie in Rotterdam (Tussen burger en bestuur). Amsterdam: Boom.Google Scholar

Copyright information

© Springer Science+Business Media New York 2013

Authors and Affiliations

  1. 1.Mulier InstituteUtrechtNetherlands
  2. 2.Radboud University NijmegenNijmegenNetherlands

Personalised recommendations