Advertisement

30 Abnormaal uterien bloedverlies

  • M.J. Heineman
  • J.L.H. Evers
  • L.F.A.G. Massuger
  • E.A.P. Steegers

Samenvatting

Bij klachten van abnormaal uterien bloedverlies is voor het stellen van de juiste diagnose opnieuw niet veel nodig. Een zorgvuldige anamnese en een goed uitgevoerd gynaecologisch en transvaginaal echoscopisch onderzoek leveren al veel informatie. Aanvullend onderzoek zal in deze situatie vooral bestaan uit het nader visualiseren van het cavum uteri door middel van cavumvulling tijdens de echoscopie of door hysteroscopie, en minder in de richting gaan van uitgebreide endocriene diagnostiek. Worden organische afwijkingen gediagnosticeerd, dan volgt een gerichte behandeling. Ook bij het ontbreken van organische afwijkingen kan een endometriumablatie of het levonorgestrel-IUD uitkomst bieden. Metrorragieën die het gevolg zijn van een gestoorde endometriumopbouw, laten zich goed behandelen met progestagenen of een hoge dosis van een sub-50-OAC (5×4-kuur). Menorragieën kunnen medicamenteus effectief worden behandeld met sub-50-OAC’s, NSAID’s en tranexaminezuur. Abnormaal uterien bloedverlies kan hevige vormen aannemen en daardoor niet alleen lichamelijke ongemakken geven maar ook belangrijke sociale gevolgen hebben. Een open oog voor de beleving van de klacht is dus zeer belangrijk!

Literatuur

  1. Coulter A, Kelland J, Peto V, Rees MCP. Treating menorrhagia in primary care. An overview of drug trials and a survey of prescribing practice. Intl J Technol Assess Health Care. 1995:11;456–71.Google Scholar
  2. Critchley HO, Munro MG, Broder M, Fraser IS. A five-year international review process concerning terminologies, definitions, and related issues around abnormal uterine bleeding. Semin Reprod Med. 2011;29:377–82.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  3. Hallberg L, Högdahl A, Nilsson L, Rybo G. Menstrual blood loss - a population study. Acta Obstet Gynecol Scand. 1966;45:320–51.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  4. Jansen CAH, Scholten PC, Heintz AP. A simple visual assessment technique to discriminate between menorrhagia and normal menstrual blood loss. Obstet Gynecol. 1995;85: 977–82.CrossRefGoogle Scholar
  5. Jansen CAH. Menorrhagia and the 3-keto-Desogestrel/Copper Medicated Intrauterine Device. Proefschrift. Utrecht, 1997.Google Scholar
  6. NHG-Standaard Vaginaal bloedverlies. Huisarts Wet. 1992;35: 475–81.Google Scholar
  7. NVOG-richtlijn nr. 52. De diagnostiek en behandeling van menorragie.Google Scholar
  8. Schoemaker J, Dony JMJ. Cyclusstoornissen en abnormaal uterien bloedverlies. In: Treffers PE, Heintz APM, Keirse MJNC, Rolland R, red. Obstetrie en gynaecologie. Utrecht: Bunge, 1993.Google Scholar
  9. Speroff L, Glass RH, Kase NG. Clinical gynecologic endocrinology and infertility. Baltimore: Williams and Wilkins, 1994.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media 2016

Authors and Affiliations

  • M.J. Heineman
    • 1
  • J.L.H. Evers
    • 2
  • L.F.A.G. Massuger
    • 3
  • E.A.P. Steegers
    • 4
  1. 1.Academisch Medisch CentrumAmsterdam
  2. 2.Maastricht Universitair Medisch CentrumMaastricht
  3. 3.Universitair Medisch Centrum St RadboudNijmegen
  4. 4.Erasmus MCRotterdam

Personalised recommendations