Advertisement

Meten en beschrijven van taal

Observaties en spontane–taalanalyses augustus 1998
  • H.F.M. Peters
  • R. Bastiaanse
  • J. Van Borsel
  • P.H.O. Dejonckere
  • K. Jansonius-Schultheiss
  • Sj. Van der Meulen
  • B.J.E. Mondelaers

Samenvatting

Er zijn verschillende methoden om taal te onderzoeken: taaltests, observaties en spontane–taalanalysemethoden. Taaltests zijn beschreven in hoofdstuk A9.4.1. In dit hoofdstuk worden de verschillen en overeenkomsten beschreven tussen taalonderzoek bij volwassenen en bij kinderen. Ook wordt besproken in hoeverre taalonderzoeksmethoden voor moedertaalsprekers gebruikt kunnen worden bij tweede–taalgebruikers.

Literatuur

  1. Bacchini, S., Kuiken, F. & Schoonen, R. (1995). Generalizibility of spontaneous speech data: the effect of occasion and place on the speech production of children. First Language, 15, 131–150.Google Scholar
  2. Bastiaanse, R. (1993). Studies in aphasia, Groningen, Grodil. Proefschrift, Rijksuniversiteit Groningen.Google Scholar
  3. Bastiaanse, R. & Jong, J. de (1996). Klinische linguïstiek en grammaticale codering. Stem–, Spraak–en. Taalpathologie, 5, 3, 134–151.Google Scholar
  4. Beers, M. (1995). The phonology of normally developing and language–impaired children. Proefschrift, Universiteit van Amsterdam. Amsterdam: ifott.Google Scholar
  5. Beers, M. (1996). Handleiding bij FAN–programma. Uitgave in eigen beheer.Google Scholar
  6. Blomert, L., Koster, Ch., M.L. Kean (1995). ANTAT: Amsterdam–Nijmegen Test voor Alledaagse Taalvaardigheden. Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  7. Bol, G. & Kuiken, F. (1988). Grammaticale analyse van taalontwikkelingsstoornissen. Proefschrift, Universiteit van Amsterdam.Google Scholar
  8. Bol, G. & Kuiken, F. (1989). Handleiding GRAMAT methode voor het diagnostiseren en kwalificeren van taalontwikkelingsstoornissen. Nijmegen: BerkhoutGoogle Scholar
  9. Braam–Voeten, M. (1997). Van taaltheorie naar taaltherapie. Evaluatie en analyse van een congruentieen een capaciteitentherapie bij kinderen met taalstoornissen. Proefschrift, Universiteit Twente.Google Scholar
  10. Dungen, L. van den & Verboog, M. (1991). Kinderen met taalontwikkelingsstoornissen. Muiderberg: Coutinho.Google Scholar
  11. Dungen, L. van den & Verbeek, J. (1994). STAP–Handleiding. STAP–instrument, gebaseerd op Spontane–Taal Analyse Procedure, ontwikkeld door M. van Iereland. Publicaties van het Instituut voor Algemene Taalwetenschap, 63, Universiteit van Amsterdam.Google Scholar
  12. Ellis, A. W. & Young, A.W. (1988). Human cognitive neuropsychology. Hove: Lawrence Erlbaum Associates.Google Scholar
  13. Gerritsen, E. (1988). VTO–taalscreeningsinstrument 3–6 jaar. Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  14. Goodglass, H. & Kaplan, E. (1972). Assessment of aphasia and related disorders. Philadelphia: Lea and Febinger.Google Scholar
  15. Goorhuis, S.M. (1988). Gesprekspartners? Taalontwikkelingsstoornissen als pedagogisch probleem. Een verkenning. Proefschrift, Rijksuniversiteit Groningen.Google Scholar
  16. Goorhuis, S.M. & Schaerlaekens, A.M. (1994). Handboek taalontwikkeling, taalpathologie en taaltherapie bij Nederlandssprekende kinderen. Utrecht: De Tijdstroom.Google Scholar
  17. Groenhuis, M. & Boer, G.H.A. de (1995). Taalonderzoek bij kinderen met Nederlands als tweede taal. Project Methodiekontwikkeling Logopedie, Hogeschool Groningen.Google Scholar
  18. Groenhuis, M. & Goorhuis–Brouwer, S.M. (1991). De bruikbaarheid van spontanetaalanalyse in de klinische praktijk. Logopedie en Foniatrie, 63, 68–71.Google Scholar
  19. Ierland, M.S. van (1980). Tussen vier en acht: ontwikkelingen in taalgebruik. In: J.F. Matter (red.), Toegepaste taalwetenschap in artikelen, 7, 85–101.Google Scholar
  20. Ingram, D. (1989). First Language Acquisition. Method, Description and Explanation. Cambridge: Cambridge University Press.Google Scholar
  21. Jong, J. de (1994). Specifieke taalstoornissen bij kinderen. Stem–, Spraak– en Taalpathologie, 3, 4, 201–226.Google Scholar
  22. Lahey, M. (1988). Language disorders and language development. New York: Macmillan Publishing Company.Google Scholar
  23. Levelt, W.J.M. (1989). Speaking: From intention to articulation. Cambridge ma: The mit Press.Google Scholar
  24. Links, P., Feiken, J. & Bastiaanse, R. (1996). Afasie: diagnostiek en therapie. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.Google Scholar
  25. Maassen, B. & Bastiaanse, R. (1996). Het taal– en spraakproductiemodel van Levelt. Stem–, Spraak– en Taalpathologie, 5, 3, 127–133.Google Scholar
  26. Moerman–Coetsier, L. & Besien, F. van (1987). TOAST, taalonderzoek via analyse van spontane taal. Leuven: AccoGoogle Scholar
  27. Ridder–Sluiter, J.G. de (1990). Vroegtijdige onderkenning van communicatieve ontwikkelingsstoornissen. Proefschrift, Rijksuniversiteit Leiden.Google Scholar
  28. Roelofs, A. (1996). Grammaticale analyse van taalontwikkelingsstoornissen. Computerbewerking, versie 2.0.Google Scholar
  29. Roelofs, M.J. (1998). Hoe bedoel je? De verwerving van pragmatische vaardigheden bij kinderen. Proefschrift, Universiteit van Amsterdam. Amsterdam: ifott.Google Scholar
  30. Roelofs, M.J. (te verschijnen). Codeboek voor de analyse van pragmatische vaardigheden bij schoolgaande kinderen. Amsterdam.Google Scholar
  31. Sarno, M.T. (1969). The Functional Communication Profile. New York.Google Scholar
  32. Schaerlaekens (1989). Spontane taalanalyse als onderzoeksmethode voor taalverwerving. Logopedie en Foniatrie, 61, 156–160.Google Scholar
  33. Schlichting, L. e.a. (1995). Schlichting Test voor Taalproduktie, Lexilijst. Nijmegen: Berkhout.Google Scholar
  34. Schlichting, L. (1995). TARSP, taal analyse remediëring en screening procedure: taalontwikkelingsschaal van Nederlandse kinderen van 1–4 jaar. 4e herziene druk. Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  35. Schlichting, L. (1996). Discovering syntax. An empirical study in Dutch language acquisition Nijmegen: Nijmegen University Press.Google Scholar
  36. Transparant: een helder oefenprogramma voor taalontwikkeling (1996). Werkgroep Trant: F. Boddé e.a. Uitgeverij Baert.Google Scholar
  37. Verhulst–Schlichting L. & Koning, T. de (1988). FIT: functionele imitatie van taalstructuren: taalprogramma voor kinderen met een grammaticale achterstand. Amsterdam: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  38. Wegener Sleeswijk, B. & Dungen, L. van den (1994). Pragmatiek: Onderzoek en Behandeling. Van Horen Zeggen, 35, 3, 76–84.Google Scholar
  39. Wiegers, J.J. (1996). GRAMAT op basis van 50 uitingen. Spontane–taalanalyse, het kan sneller. Logopedie en Foniatrie, 5, 125–128.Google Scholar

Aanbevolen literatuur

  1. Dungen, L. van den & Verboog, M. (1991). Kinderen met taalontwikkelingsstoornissen. Muiderberg: Coutinho.Google Scholar
  2. Jong, J. de (1994). Specifieke taalstoornissen bij kinderen. Stem–, Spraak– en Taalpathologie, 3, 4, 201–226.Google Scholar
  3. Lahey, M. (1988). Language disorders and language development. New York: Macmillan Publishing Company.Google Scholar
  4. Themanummer spontane–taalanalyse (1989). Logopedie en Foniatrie, 5, 155–187.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media 2014

Authors and Affiliations

  • H.F.M. Peters
  • R. Bastiaanse
  • J. Van Borsel
  • P.H.O. Dejonckere
  • K. Jansonius-Schultheiss
  • Sj. Van der Meulen
  • B.J.E. Mondelaers

There are no affiliations available

Personalised recommendations