Advertisement

Emoties

  • Jan Remmerswaal
Chapter

Samenvatting

Emoties kleuren wat er in groepen gebeurt. Je kunt in groepen alle soorten emoties tegenkomen, van zeer positieve tot zeer negatieve. Er zijn veel emoties; al gauw enkele tientallen. Men gaat er meestal van uit dat er vier universele basisemoties zijn. Deze worden getypeerd als de vier B’s en zijn: boos, bedroefd, bang en blij. Later onderzoek toont aan dat er nog een vijfde basisemotie is: liefde. We geven van elke basisemotie een korte typering. Emoties kunnen behoorlijk ingewikkeld zijn. De emotie die we aan de buitenkant zien, is lang niet altijd de emotie waar het werkelijk om gaat. Achter boosheid kan bijvoorbeeld angst schuilgaan. Anders gezegd: emoties zijn gelaagd. Groepen ervaren en tonen vooral veel emoties in periodes van een belangrijke verandering of overgang. Zo’n overgang noemen we transitie. We bespreken drie fasen tijdens transities . Emoties kunnen onbewust zijn en een heel oude oorsprong hebben. Men spreekt dan van overdracht : daarbij worden oude gevoelens (zoals oud zeer, oude boosheid, oud verdriet en oude angsten) overgedragen op een nieuwe situatie. We geven aan hoe je dit als begeleider kunt herkennen en er goed mee kunt omgaan.

Supplementary material

Interview H.9 Emoties (MP4 11.4 MB)

978-90-368-0725-8_9_MOESM2_ESM.pdf (41 kb)
Blogs H 9 BvG (PDF 41 KB)

Literatuur

  1. Bridges, W. (2005). Managen van transities. Over de menselijke kant van organisatieveranderingen. Zaltbommel: Thema. (Oorspronkelijk: Managing transitions. Making the most of change. Cambridge, MA: Perseus, 2003.)Google Scholar
  2. Es, R. van (2008). Veranderdiagnose. De onderstroom van organiseren. Deventer: Kluwer.Google Scholar
  3. Gibb, J.R. (1964). Climate for trust formation. In L.P. Leland, J.R. Gibb & K.D. Benne (Eds.), T-group theory and laboratory method (pp. 279–310). New York: Wiley.Google Scholar
  4. Harf, R. (2009). Das Gefühl das uns zu Menschen macht. GEO kompakt 20. Hamburg: Gruner und Jahr.Google Scholar
  5. Leijssen, M. (1995). Gids voor gesprekstherapie. Utrecht: De Tijdstroom.Google Scholar
  6. Ofman, D. (1992). Bezieling en kwaliteit in organisaties. Cothen: Servire.Google Scholar
  7. Remmerswaal, J. (2012). Persoonsdynamica. Professioneel omgaan met emoties. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.Google Scholar
  8. Royers, T. (2005). Emoties in de zorg. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.Google Scholar
  9. Shaver, P., Schwartz, J., Kirson, D. & O’Connor, C. (1987). Emotion knowledge: further exploration of a prototype approach. Journal of Personality and Social Psychology, 52, 1061–1086.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  10. Thooft, L. (1996). Collega’s met familietrekjes. Hoe gezinspatronen zich herhalen op je werk. VB Magazine, 11, 20–23.Google Scholar
  11. Viorst, J. (1988). Noodzakelijk verlies. Baarn: Ambo. (Oorspronkelijk: Necessary losses. New York, Simon & Schuster, 1987.)Google Scholar
  12. Viorst, J. (1998). Greep op het leven. Ons levenslange gevecht tegen macht en overgave. Amsterdam: Anthos. (Oorspronkelijk: Imperfect control. Our livelong struggles with power and surrender, New York, Simon & Schuster, 1998.)Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2015

Authors and Affiliations

  • Jan Remmerswaal
    • 1
  1. 1.NIJMEGENThe Netherlands

Personalised recommendations