Advertisement

2 Apathie; laat maar zitten…

  • Maritza Allewijn

Samenvatting

De meeste ouderen leiden een rustiger bestaan dan toen zij jonger waren. Ze hebben misschien meer lichamelijke beperkingen en zijn wat meer gericht op hun innerlijk leven. Maar apathisch zijn is wat anders dan ‘lekker niets doen’ of ‘het wat rustiger aandoen’. Iemand die apathisch is, is niet meer betrokken bij de omgeving, kan eigenlijk nergens meer warm voor lopen. Dingen die vroeger belangrijk waren, lijken hun betekenis te hebben verloren. Apathische mensen beleven dan ook weinig emoties, voelen zich niet meer blij of verdrietig, kennen eigenlijk alleen een doffe onverschilligheid. Ze komen ook niet in actie en nemen dus weinig initiatief.

Meer lezen?

  1. Goffman, E. (1975). Totale instituties. Rotterdam: Universiteitspers. Standaardwerk uit 1960 waarin het begrip ‘hospitalisatie’ wordt gepresenteerd, helaas nog steeds een maar al te bekend verschijnsel.Google Scholar
  2. Loveren-Huyben, C.M.S. van (1995). Ontwikkeling in verzorgingshuizen? Gegevens van longitudinaal onderzoek. Proefschrift. Katholieke Universiteit Nijmegen. De auteur, psychogerontoloog, beschrijft hoe het beeld dat men heeft van ouderen die in verzorgingshuizen wonen – mensen die veel zorg en hulp nodig hebben – bijdraagt tot een passieve en afhankelijke opstelling.Google Scholar
  3. Ree, F. van (1993). Van dakpanrood naar bourgogne, veranderingen in emoties bij het ouder worden. Denkbeeld, Tijdschrift voor psychogeriatrie, 5, 1. De psychiater Van Ree beschrijft beeldend hoe hij zijn eigen veroudering beleeft en de verandering in temperament die dit met zich meebrengt.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, Houten 2010

Authors and Affiliations

  • Maritza Allewijn

There are no affiliations available

Personalised recommendations