Advertisement

Verdriet in een groene Kever

Over zin en onzin van supervisie in het onderwijs
  • Hans Borst

Abstract

Een enkele keer zie ik nog wel eens een groene Kever. In zo’n Volkswagen reed ook mijn leraar geschiedenis. Ik noem hem hier Pierre Tremor, omdat ik me hem herinner als een breekbare oudere man in een versleten grijs pak, wiens handen altijd trilden. Het was een hele klus om twee uur per week geschiedenis aan een groep pubers uit gegoede milieus te geven. Mijn christelijke middelbare school had een goede naam. Tremor was een vijftiger die nog een paar jaar moest, zo begreep ik. Hij sleepte zich dagelijks uit zijn groene Kever naar het geschiedenislokaal. Daar zat hij dan van half negen tot half vier op zijn eigen veilige verhoging. Ik heb hem een paar maal zien huilen. Dan lachten wij nog harder. Soms ging hij eerder naar huis. Met rode ogen zijn groene Kever in. Veertig jaar later zou ik supervisor van zo iemand kunnen zijn. In het kader van een of ander POP-gesprek zou hij misschien contact met me opgenomen hebben. Ik hoor mezelf al superviseren: ‘Wat is uw ervaring in zo’n klas pubers?’ ‘Kunt u een van die jongens omschrijven die u altijd uitlachen?’ ‘Wat zou u graag tegen zo’n jongen zeggen en wat houdt u tegen om het niet te zeggen?’ Zou het supervisieproces wat worden? Zou ik hem wat kunnen bieden met al mijn LVSC (Landelijke Vereniging voor Supervisie en Coaching)- registraties en 25 jaar ervaring als supervisor?

Preview

Unable to display preview. Download preview PDF.

Unable to display preview. Download preview PDF.

Literatuur

  1. Rijkers, T. (2003). De kunst van het coachen, voorwaarden, vaardigheden, gesprekken. Soest: Nelissen.Google Scholar
  2. Vandamme, R. (2007). Handboek Coachend Leiderschap. Een ontwikkelingsgerichte benadering. Deventer: Entos.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Uitgeverij 2010

Authors and Affiliations

  • Hans Borst

There are no affiliations available

Personalised recommendations