Samenvatting
Erectiele disfunctie wordt gedefinieerd als het onvermogen een erectie te krijgen en te behouden, voldoende voor bevredigende seksuele activiteit.
Leesadvies
- Blanker MH, Bohnen AM, Groeneveld FP et al. Erectiestoornissen bij mannen van 50 jaar en ouder: prevalentie, risicofactoren en ervaren hinder. Ned Tijdschr Geneeskd 2001; 145: 1404-9.Google Scholar
- Blanker MH, Schouten, BWV. Erectiestoornissen en hart- en vaatziekten. In: Van den Meiracker AH, Prins A. Reeks Praktische huisartsgeneekunde. Vasculaire geneeskunde. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, 2010.Google Scholar
- Drenth JJ, Lankveld JJDM van. Seksuele stoornissen bij mannen. In: Slob AK, Vink CW, Moors JPC et al. Leerboek seksuologie. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, 1998; 200-26.Google Scholar
- Leusink P, De Boer LJ, Vliet Vlieland CW, Rambharose VR, Sprengers AM, Mogendorff SW, Van Rijn-Van Kortenhof NMM. NHG-Standaard Erectiele disfunctie (M87). Huisarts Wet 2008; 51(8): 381-94.Google Scholar
- Meuleman EJ, Donkers LH, Robertson C et al. Erectiestoornis: prevalentie en invloed op de kwaliteit van leven; het Boxmeer-onderzoek. Ned Tijdschr Geneeskd 2001; 145: 576-81.Google Scholar
- O’Leary M. Men’s Health: Erectile dysfunction. In: Barton S. Clinical Evidence. Londen: bmj Publishing Group, 2001; 6: 667-73.Google Scholar
Copyright information
© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Uitgeverij 2010