Advertisement

Verrijkte Voedingsmiddelen

  • Pauline Vermeer

Door verrijking van voedingsmiddelen kan de bevolking bij een ernstig tekort aan bepaalde vitamines of mineralen de aanbevolen hoeveelheden van deze voedingsstoffen halen. Voedingsmiddelen worden verrijkt met de bekende micro- en macrovoedingsstoffen, maar ook met stoffen die mogelijk een positief effect op de gezondheid hebben, zoals omega- 3-vetzuren.

Preview

Unable to display preview. Download preview PDF.

Unable to display preview. Download preview PDF.

Literatuur

  1. 1.
    Europese verordening EG/258/97.Google Scholar
  2. 2.
    Eidelman, Rachel S. et al; Randomized Trials of Vitamine E in the Treatment and Prevention of Cariovascular Disease. Archives of Internal Medicine 2004;164:1552–1556.PubMedCrossRefGoogle Scholar
  3. 3.
    Fred Hutchinson Cancer Research Center. Seattle: Cancer Epidemiology Biomarkers & Prevention, 2007.Google Scholar
  4. 4.
  5. 5.
    Brandt MG. Chylothorax en het MCT dieet. In: Informatorium voor Voeding en diëtetiek. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, 2007.Google Scholar
  6. 6.
    Verheul-Koot. Nutricia Vademecum, deel 1 Voeding en gezondheid. Maarssen: Elsevier Gezondheidszorg, 1999.Google Scholar
  7. 7.
    Bakker E. Long-chain poly-unsaturated fatty acids and child development. Proefschrift, Maastricht Universiteit 2002.Google Scholar
  8. 8.
    Gezondheidsraad Voedingsnormen eiwitten, vetten en verteerbare koolhydraten. Den Haag: Gezondheidsraad publicatienummer 2001/19.Google Scholar
  9. 9.
    Gezondheidsraad. Richtlijnen Goede Voeding 2006. Den Haag: Gezondheidsraad publicatienummer 2006/21.Google Scholar
  10. 10.
    Lim WS, Gammack JK, Niekerk J van. Dangour AD, Omega 3 fatty acids for prevention of dementia. The Cochrane Database of Systemetic Reviews 2006. Issue 1.Google Scholar
  11. 11.
    Meij BS van der, Langius JAE. Het effect van suppletie van EPA op kankercachexie. Ned Tijdschr Diet 2005;59:77–83.Google Scholar
  12. 12.
    Nederlandse Diabetesfederatie. Voedingsrichtlijnen bij Diabetes. NDF: Amersfoort 2006.Google Scholar
  13. 13.
    Ruiter A. Funtamentele benadering van essentiële vetzuren gevraagd. Voeding Nu 2006;6:17–19.Google Scholar
  14. 14.
    Mathus-Vliegen EMH. Vezelverrijkte voeding: leefstijl bij obstipatie. Modern Medicine 1999;4:336–343.Google Scholar
  15. 15.
    Green, C. Fibre in enteral nutrition. Nutricia Research Communication 5. Nutricia, Zoetermeer, 1997.Google Scholar
  16. 16.
    Streppel MT, Arends LR, Veer P van ’t et al. Dietary Fiber and Blood Pressure. Arch Intern Med.2005;165:150–156.PubMedCrossRefGoogle Scholar
  17. 17.
    Gezondheidsraad. Richtlijn voor de vezelconsumptie. Den Haag: Gezondheidsraad 2006, publicatie nr. 2006/3.Google Scholar
  18. 18.
    Bater MAM en Brans MHJ. Dieetbehandelingsprotocol Chronische obstipatie. Maarssen: Elsevier gezondheidszorg, 2003.Google Scholar
  19. 19.
    Regeling van de Minister van VWS 12 januari 2007, vr. VGP/VV 2742234 houdende de Warenwetregeling vrijstelling toevoeging foliumzuur en vitamine D aan levensmiddelen.Google Scholar
  20. 20.
    Goddijn E. Plantenstanolen helpen mee bij verlagen cholesterol. Voeding en Visie 2003:28–29.Google Scholar
  21. 21.
    Europese etiketteringsregels, verordening EG 608/2004.Google Scholar
  22. 22.
  23. 23.
    Gezondheidsraad. Voedingsmiddelen en supplementen met claims over gezondheidseffecten. Den Haag: Gezondheidsraad, publicatienummer 2003/09.Google Scholar
  24. 24.
    Prof. Luc de Vuyst van de Vrije Universiteit. 1st Probiotics Convention Benelux. Dec. 2006.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafeu van Loghum 2009

Authors and Affiliations

  • Pauline Vermeer

There are no affiliations available

Personalised recommendations