Advertisement

Informed consent bij medisch-wetenschappelijk onderzoek: mythe of werkelijkheid?

  • F. W. S. M. Verheggen

Het verkrijgen van informed consent is een essentiële voorwaarde om patiënten te laten deelnemen aan medisch-wetenschappelijk onderzoek. De deelnemers moeten volledig geïnformeerd worden over het doel en de opzet van het onderzoek, over wat er van hen wordt verwacht en over de voor-en nadelen van deelname. In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe dat in zijn werk gaat en welke factoren van invloed zijn op de beslissing om al dan niet deel te nemen aan wetenschappelijk onderzoek.

Preview

Unable to display preview. Download preview PDF.

Unable to display preview. Download preview PDF.

Literatuur

  1. 1.
    Verheggen F. Myth and reality of informed consent and the patient’s choice to participate in clinical trials. Thesis. Maastricht: Rijksuniversiteit Limburg, 1996.Google Scholar
  2. 2.
    Verheggen F, Wijmen F van. Informed consent in clinical trials: a review of the research literature. Health Policy 1996;36:131–153.PubMedCrossRefGoogle Scholar
  3. 3.
    Morrow G, Hickok J, Burish T. Behavioral aspects of clinical trials. An integrated framework for behavioral theory. Cancer 1994; 74(suppl 9):2676–2682.PubMedGoogle Scholar
  4. 4.
    Verheggen F, Jonkers R, Kok G. Patient’s perceptions of informed consent and the quality of information disclosure in clinical trials. Patient Education Counseling 1996;29:137–153.CrossRefGoogle Scholar
  5. 5.
    Verheggen F, Nieman F, Reerink E, Kok G. Patient satisfaction with clinical trial participation. Internat J Quality Health Care 1998;10:319–330.CrossRefGoogle Scholar
  6. 6.
    Linder-Pelz S. Towards a theory of patient satisfaction. Soc Sci Med 1982;16:577–582.PubMedCrossRefGoogle Scholar
  7. 7.
    Wittebrood L. Gevraagd voor medisch-wetenschappelijk onderzoek. Maastricht: Academisch Ziekenhuis Maastricht, 1993.Google Scholar
  8. 8.
    Wear S. Informed consent: patient autonomy and physician beneficence within clinical medicine. Dordrecht: Kluwer, 1993.Google Scholar
  9. 9.
    Wager E, Tooley PJH, Emanuel MB, Wood SE. Get patients’ consent to enter clinical trials. Br Med J 1995;311:734–737.Google Scholar
  10. 10.
    Tepper A, Elwork A. Competence to consent to treatment as a psychological construct. Law Human Behav 1984;8:205–223.CrossRefGoogle Scholar
  11. 11.
    Olde Rikkert MGM, Verwey MF, Hoefnagels WHL. Informed consent en beslisvaardigheid van ouderen bij medisch-wetenschappelijk onderzoek. Tijdschr Gerontol Geriatr 1995;26: 152–162.Google Scholar
  12. 12.
    Legemaate J. Het recht van de patiënt op informatie en de praktijk. Context en inhoud van informed consent. Med Cont 1995;47:1517–1522.Google Scholar
  13. 13.
    Kasper J, Mulley A,Wennberg J. Developing shared decision-making programs to improve the quality of health care. Quality Rev Bull 1992; 18:183–190.Google Scholar
  14. 14.
    Llewellyn-Thomas H. Patients’ health-care decision-making: a framework for descriptive and experimental investigations. Medicat Decision Making 1995;15:101–106.CrossRefGoogle Scholar
  15. 15.
    Laffel G. How professionals view their patients. Quality Management in Health Care 1993;2: v–vii.PubMedGoogle Scholar
  16. 16.
    Barry M, Fowler F, Mulley A, Henderson J, Wennberg J. Patient reactions to a program designed to facilitate patient participation in treatment decisions for benign prostatic hyperplasia. Med Care 1995;33:771–782.PubMedCrossRefGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2006

Authors and Affiliations

  • F. W. S. M. Verheggen
    • 1
  1. 1.Raad voor Kwaliteit, Stafdirectoraat PatieëntenzorgAcademisch Ziekenhuis MaastrichtMaastricht

Personalised recommendations