Ulcereuze dermatosen waaronder ulcus cruris en decubitus

  • J. H. Sillevis Smitt
  • J. J. E. van Everdingen
  • Th. M. Starink
  • M. de Haan

Een ulcus is een defect van de huid tot in de dermis, met geen of geringe genezingstendens, ontstaan na voorafgaande huidverandering. Als het ulcus geneest, gebeurt dit vanuit de wondranden. Vele nodeuze huidafwijkingen kunnen ook ulcereren; vandaar dat de indeling van de ulcereuze dermatosen gelijkenis vertoont met die van de nodeuze dermatosen.

Preview

Unable to display preview. Download preview PDF.

Unable to display preview. Download preview PDF.

Literatuur

  1. cbo-Nederlandse Diabetes Federatie. Tweede herziening consensus diabetische voet. Utrecht: cbo, 1998.Google Scholar
  2. Degreef H. Gebruik van nieuwe synthetische verbanden in de dermatologie. In: Het medisch jaar. Utrecht: Bohn Scheltema Holkema, 1990.Google Scholar
  3. Franken CPM, Neumann HAM. Vochtige versus droge wondbehandeling. De voordelen van occlusie. Pharm Weekblad 2001; 136: 1127–1131.Google Scholar
  4. Haalboom JRE, Bakker H. Herziening consensus preventie en behandeling decubitus. Ned Tijdschr Geneeskd 1992; 136: 1306–1308.PubMedGoogle Scholar
  5. Houwing RH, Wit RFE de. Antiseptische wondbehandelingsmiddelen; een overzicht. Ned Tijdschr Geneeskd 1991; 135: 1908–1911.PubMedGoogle Scholar
  6. Kolnaar BGM, Chel VGM. Samenvatting van de standaard Decubitus van het nhg. Ned Tijdschr Geneeskd 2000; 144: 646–649.PubMedGoogle Scholar
  7. Korstanje MJ, Neumann HAM. Compressietherapie door middel van elastische kousen. Ned Tijdschr Geneeskd 1990; 134: 799–802.PubMedGoogle Scholar
  8. Korstanje MJ, Staak WJBM van de. Huidlaesies bij diabetes mellitus. In: Het medisch jaar. Utrecht: Bohn Scheltema Holkema, 1990.Google Scholar
  9. Lisdonk EH van de, Bosch WJHM van den, Huijgen FJA, Lagro-Janssen ALM. Ziekten in de huisartsenpraktijk. Utrecht: Bunge, 1994.Google Scholar
  10. Marum RJ van, Schut GL, Ribbe MW, Meijer JH. Pathofysiologische en klinische kenmerken van decubitus. Ned Tijdschr Geneeskd 1994; 138: 66–71.PubMedGoogle Scholar
  11. Meinders AE. De diabetische voet. Modern Medicine 1994; 18: 601–605.Google Scholar
  12. Neumann HAM, Tazelaar DJ (redactie). Leerboek Flebologie. Utrecht: Lemma, 2003.Google Scholar
  13. Richtlijn Decubitus. Tweede herziening. Utrecht: cbo, 2002.Google Scholar
  14. Richtlijn Diepe veneuze trombose en longembolie. Herziening. Utrecht: cbo, 2000.Google Scholar
  15. Richtlijn Lymfoedeem. Utrecht: cbo, 2002.Google Scholar
  16. Schaper NC, Kitslaar PJEHM, Nieuwenhuijzen Kruseman AC. Tekortschietende gezondheidszorg voor diabetespatiënten met voetproblemen. Ned Tijdschr Geneeskd 1994; 138: 548–550.PubMedGoogle Scholar
  17. Schweitzer BPM, Doorenbosch J, Glotzbach R, Barnhoorn K, Breure DP. nhg-standaard Ulcus cruris venosum. Huisarts Wet 1991; 34: 270–275.Google Scholar
  18. Tazelaar DJ, Neumann HAM, Veraart JCJM, Korstanje MJ. Compressietherapie bij de behandeling van chronische veneuze insufficiëntie. Ned Tijdschr Geneeskd 1994; 138: 1940–1944.PubMedGoogle Scholar
  19. Veer G van der, Eekhof JAH, Walma EP, Pelt-Termeer AMM van, Asselbergs RTM, e.a. nhg-standaard Varices. Huisarts Wet 1993; 36: 23–30.Google Scholar
  20. Veraart JCJM. Chronische veneuze insufficiëntie. Ned Tijdschr Geneeskd 2002; 146: 199–205.PubMedGoogle Scholar
  21. Westerhof W, Mekkes JR. Pathogenese en behandeling van het ulcus cruris venosum. Ned Tijdschr Geneeskd 1991; 135: 1900–1905.PubMedGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2004

Authors and Affiliations

  • J. H. Sillevis Smitt
  • J. J. E. van Everdingen
  • Th. M. Starink
  • M. de Haan

There are no affiliations available

Personalised recommendations