Sociaal Bestek

, Volume 79, Issue 5, pp 50–50 | Cite as

De handhaver. Integrale teamspeler of lone wolf?

  • Paul Swart
wisselcolumn
  • 107 Downloads

Samenvatting

‘Ik ben op zoek naar de handhaver.’ ‘O, die zit op een andere afdeling.’ Bij veel gemeenten is dit helaas nog steeds een veel gehoorde dialoog. De handhaver (lees ook: toezichthouder en sociaal rechercheur) die met een ‘geheim’ onderzoek op een afgezonderde plek zit. Helaas, omdat ik van mening ben dat handhaving proactief moet zijn, zoveel mogelijk gericht op preventie en herstel, en volledig geïntegreerd in de uitvoering. Dit zijn immers ook belangrijke speerpunten uit het ‘Hoogwaardig Handhaven’ dat gemeenten hebben omarmd.

‘Ik ben op zoek naar de handhaver.’ ‘O, die zit op een andere afdeling.’ Bij veel gemeenten is dit helaas nog steeds een veel gehoorde dialoog. De handhaver (lees ook: toezichthouder en sociaal rechercheur) die met een ‘geheim’ onderzoek op een afgezonderde plek zit. Helaas, omdat ik van mening ben dat handhaving proactief moet zijn, zoveel mogelijk gericht op preventie en herstel, en volledig geïntegreerd in de uitvoering. Dit zijn immers ook belangrijke speerpunten uit het ‘Hoogwaardig Handhaven’ dat gemeenten hebben omarmd. Ik zie vaak dat handhavers 1 bij gemeenten eveneens zijn benoemd tot toezichthouder 2 (op grond van de Algemene Wet bestuursrecht) en soms ook als buitengewoon opsporingsambtenaar 3 (boa). Drie functies met verschillende richtlijnen, verantwoordelijkheden en bevoegdheden gecombineerd in één. Bij kleine(re) gemeenten is deze medewerker apart geplaatst van de uitvoering belast met de Participatiewet en bij grote(re) gemeenten zijn ze samen gezet in een separaat team of afdeling.

Hoewel het raadplegen van Facebook per definitie een inbreuk is op het privéleven, is het op grond van de Participatiewet gerechtvaardigd.

Bij beide varianten in ieder geval niet samengevoegd met de primaire uitvoering (consulenten, kwaliteitsmedewerkers, poortwachter en bezwaar & beroep). Dit verzwakt naar mijn idee de handhavingspositie van de organisatie en de uitvoering.

Consulenten

Lodewijk Asscher verwoordde het treffend: ‘Handhaving is geen afdeling, maar van essentieel belang in alle facetten van dienstverlening en zorg!’ Daarmee slaat hij de spijker op de kop. Immers, alle medewerkers belast met de uitvoering van de Participatiewet zijn verantwoordelijk voor handhaving van deze wet. Consulenten werk en/of inkomen zijn niet alleen belast met het toekennen en toetsen op rechtmatigheid en zorgen voor uitstroom naar werk, maar ook verantwoordelijk voor de handhaving van deze wetten en regelgeving.

De bevoegdheden die consulenten voor deze eerstelijns-handhaving nodig hebben vloeien immers voort uit de Participatiewet. Denk hierbij bijvoorbeeld aan art. 18a (bestuurlijke boete), art. 53a (verstrekking en onderzoek gegevens), art. 54 (onjuiste gegevens en onvoldoende medewerking).

Handhavingstaken en verantwoordelijkheden van consulenten zijn bijvoorbeeld het opvragen van gegevens op grond van art. 63 t/m 67 Participatiewet. Gegevens met betrekking tot nutsvoorzieningen (gas, water, elektra), informatie van woningbouwverenigingen, Kamer van koophandel, politie en zeker ook internetonderzoek, zoals Facebook bevragingen. Hoewel het raadplegen van Facebook per definitie een inbreuk is op het privéleven (art. 8, lid 1 EVRM), is het op grond van art. 53a Participatiewet gerechtvaardigd dergelijke onderzoeksmiddelen in te zetten bij de handhaving van deze wet. Sterker nog, in haar uitspraak van 4 juli 2017 (ECLI:NL:CR- VB:2017:2284, zaaknr. 15/8121) geeft de Centrale Raad aan dat het college geen aanleiding nodig heeft om onderzoek in te stellen naar de rechtmatigheid. De Raad geeft aan dat deze bevoegdheid steeds en spontaan kan worden uitgeoefend, zonder een daaraan voorafgaand feit of vermoeden van fraude aan ten grondslag ligt.

Fysiek

Daarnaast is het wenselijk om de ‘handhaver’ (toezichthouder en boa) integraal te laten samenwerken met consulenten, poortwachter, et cetera en ze ook fysiek bij elkaar te plaatsen. Uiteindelijk resulteert dit in kortere lijnen en een versterking van de fraudealertheid in alle facetten van de uitvoering. Waardoor je preventie voorop stelt en daadwerkelijk ‘Hoogwaardig Handhaaft’. De specialisten (toezichthouders en boa’s) kunnen dan worden ingezet ter ondersteuning van dit proces en daarnaast hun vakspecialistische kennis inzetten voor (diepgaande) fraude onderzoeken.

Paul Swart,

Handhavingsdeskundige

Handhaving is geen afdeling, maar van essentieel belang in alle facetten van dienstverlening en zorg.

Noten

  1. 1

    1e Lijns-handhaving (Participatiewet)

     
  2. 2

    2e Lijns-handhaving (Algemene Wet bestuursrecht)

     
  3. 3

    3e Lijns-handhaving (Wetboek van strafvordering)

     

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V. 2017

Authors and Affiliations

  • Paul Swart
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations