Zorgvisie

, Volume 47, Issue 11, pp 15–15 | Cite as

Terecht

  • Bohn Stafleu van Loghum
Juridische adviezen en opinie
  • 58 Downloads

Samenvatting

De formele implementatie van het samenwerkingsmodel heeft geresulteerd in complexe organisatiestructuren die een risico voor de bestuurbaarheid kunnen vormen.’ Zo citeert de minister medio 2016 een van de uitkomsten van het TIAS-onderzoek naar de gevolgen van integrale bekostiging voor de governance van ziekenhuizen. Op onderdelen van deze besturingsproblematiek is de afgelopen periode belangrijke vooruitgang geboekt.

COLUMN :Doorgroei msb

  • Louis Houwen

De formele implementatie van het samenwerkingsmodel heeft geresulteerd in complexe organisatiestructuren die een risico voor de bestuurbaarheid kunnen vormen.’ Zo citeert de minister medio 2016 een van de uitkomsten van het TIAS-onderzoek naar de gevolgen van integrale bekostiging voor de governance van ziekenhuizen. Op onderdelen van deze besturingsproblematiek is de afgelopen periode belangrijke vooruitgang geboekt. Veel raden van bestuur zitten inmiddels aan één overlegtafel voor kwaliteit en veiligheid, strategie en soms zelfs bedrijfsvoering met alle geledingen van de medische staf. Zij worden vertegenwoordigd door één geïntegreerd en gemandateerd of federatief stafbestuur dan wel door één coöperatie van vrijgevestigden en dienstverbanders met uiteenlopende zeggenschaps- en winstrechten. Daarentegen is er nog weinig perspectief voor een krachtige positionering van de raad van toezicht ten aanzien van de corebusiness van het ziekenhuis: de medisch-specialistische dienstverlening. Dat klemt, te meer nu de verantwoordelijkheden van individuele toezichthouders verder worden aangescherpt. Het derde aspect van deze governanceproblematiek, de meervoudige besturing van ziekenhuisorganisaties, heeft intussen al enkele malen tot bestuurlijke crisis of zelfs verscherpt toezicht van de IGZ aanleiding gegeven. Als mogelijke oplossing worden bestaande en nieuwe vormen van co-bestuur beproefd: van een gezamenlijke bestuursraad, bestuurscollege, executive committee (directiecomité) of bestuurslab tot praktiserende medisch specialisten (dienstverband én vrijgevestigd) als lid van de raad van bestuur. Er valt veel voor te zeggen om praktiserende medisch specialisten in het bestuur van het ziekenhuis te betrekken. Ook uit onderzoek blijkt daarvan een positieve invloed uit te gaan. Dit stuit in het msb-tijdperk echter al snel op bezwaren. Zo maakt de Wet normering topinkomens een dergelijke overstap onaantrekkelijk en ligt voor vrijgevestigde medisch specialisten van het fiscaal-economisch zelfstandige msb een belangenverstrengeling op de loer. Ingewikkelde regelingen moeten deze onvolkomenheden dan weer redresseren. Dat onderstreept de noodzaak het msb door te ontwikkelen waarbij medisch specialisten, naast bestuurlijke participatie, in ieder geval ook financiële verantwoordelijkheid voor het ziekenhuis nemen om een teloorgang van het vrije beroep te voorkomen. (Louis Houwen)

ZAKEN OP ORDE: Geluidsopnames in de spreekkamer

  • Rankie ten Hoopen

Naar verwachting zullen patiënten in toenemende mate ertoe overgaan gesprekken met zorgverleners vast te leggen. In een Kamerbrief van 10 maart 2016 schrijft minister Schippers dit een goed idee te vinden. Er geldt wel een aantal randvoorwaarden. Zo is gebruik van opnamen voor andere dan persoonlijke doeleinden volgens de Wet bescherming persoonsgegevens in beginsel niet toegestaan. Niet wettelijk verplicht, maar een kwestie van goed fatsoen is bovendien dat de patiënt tevoren meldt dat hij het gesprek opneemt en de arts hiervoor om toestemming vraagt, aldus een concepthandreiking van de KNMG (consultatieversie van 23 februari 2017).

De vraag rijst wat juridisch gezien de betekenis is van geluidsopnamen die heimelijk zijn gemaakt. Kunnen deze door patiënten als bewijsmiddel worden ingebracht in een gerechtelijke procedure? De Hoge Raad oordeelt voor wat betreft het civiele recht dat dit inderdaad mogelijk is, tenzij sprake is van bijkomende (verzwarende) omstandigheden. Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg volgt eenzelfde lijn.

Verrassend is dan ook dat de rechtbank Gelderland in een uitspraak van 27 september 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:4951) een andere opvatting lijkt te zijn toegedaan. In deze bestuursrechtelijke zaak betreffende een werknemer die het niet eens was met de medische beoordeling door een ziektewet- en een verzekeringsarts (verbonden aan het UWV) liet de rechter de door de werknemer overgelegde geluidsopnamen van de gesprekken met deze artsen buiten beschouwing. Hierbij woog mee dat reeds voldoende ander bewijsmateriaal voorhanden was. De rechtbank memoreerde bovendien dat de werknemer voor het maken van de opnamen vooraf geen toestemming had gevraagd en/of niet had gemeld dat hij opnamen zou gaan maken.

Mogelijk is deze uitspraak een eendagsvlieg of speelt een rol dat het UWV sinds 1 januari 2017 eigen spelregels voor het opnemen van gesprekken kent, onder meer: vooraf melden. Het blijft daarom voor zorgverleners onverminderd van belang om zich te realiseren dat datgene wat in de spreekkamer wordt besproken ook elders, bij de rechter, ter tafel kan komen. Het is dan ook goed om na te denken over eigen ‘huisregels’, ook al is de betekenis daarvan, met name in civiel- en tuchtrechtelijke procedures, nog niet geheel uitgekristalliseerd.

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V. 2017

Authors and Affiliations

  • Bohn Stafleu van Loghum
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations