Advertisement

Zorg + Welzijn

, Volume 24, Issue 5, pp 20–21 | Cite as

‘Doe wat je zegt en zeg wat je doet als hulpverlener’

  • Carla Overduin
Het keukentafelgesprek
  • 23 Downloads

Samenvatting

De keuken in de Utrechtse bovenwoning is klein en rommelig, maar baadt in de warme voorjaarszon. Schrijver en voormalig dakloze Wim Eickholt is niet iemand die de schijn ophoudt.

1 Wim Eickholt (55) is schrijver en voormalig dakloze

De keuken in de Utrechtse bovenwoning is klein en rommelig, maar baadt in de warme voorjaarszon. Schrijver en voormalig dakloze Wim Eickholt is niet iemand die de schijn ophoudt. De pannen van de vorige avond staan nog op het gasfornuis en de vaat is niet gedaan, maar de koffie is vers. Eickholt beschrijft in zijn boek Wat ik nou toch heb meegemaakt! (Uitgeverij De Graaff) hoe waardevol een eigen woning is na een jaar dakloosheid. ‘Toen ik ging afkicken in psychiatrie- en verslavingscentrum Juliana-Oord was ik zo blij met een kamer met een douche en toilet en mijn eigen sleutel. Slapen in de nachtopvang betekent een achtpersoonsslaapzaal en continu op je hoede zijn. Je spullen aan je bed vastbinden, anders word je bestolen’, vertelt hij met zijn mooie theaterstem. Zijn straatervaringen hebben niet alleen geresulteerd in een eerlijk, onopgesmukt boek, maar ook in de korte theatervoorstelling De zwerver en de zangeres. Hij verhaalt over hoe het hem gebeurde. Ooit docent in het praktijkonderwijs, koophuis, relatie, actief buurtleven. Maar zijn alcoholverslaving zorgde ervoor dat hij alles verloor. ‘Waarom zou je de hypotheek betalen als je er ook drank voor kunt kopen?’ Hadden vrienden en hulpverleners hem hiervoor kunnen behoeden? ‘Nee. Ik heb gedronken vanaf mijn achttiende, maar ik zag het nooit als een probleem. Ik had geen kater, geen kwaaie dronk. Het ging mis toen ik mijn werk kwijtraakte, nutteloos thuis zat, stopte met eten.’ Het jaar op straat ervoer hij als onveilig. ‘Je bent aan het overleven, doelloos tijd aan het doorkomen. Je bent nergens welkom.’ Zijn relaas zet treffend neer waar het goed en fout gaat in de hulpverlening. ‘Je verandert in een B-mens, in een dossiernummer. Het is belangrijk mensen er zo snel mogelijk uit te halen. Hoe langer je in die klotesituatie zit, hoe moeilijker het is er uit te stappen.’ Hij greep zijn kans toen hij in Juliana-Oord drie maanden kon afkicken. ‘Ik dacht: ik wil dit niet verpesten, dus ik drink niet, maar als ik weer op eigen benen sta, word ik gezelligheidsdrinker, ik heb het nu onder controle. Pas veel later kwam het besef: fuck, ik kan echt nooit meer drinken. Alsof er kabouters in je hoofd leven. Ze gaan slapen, maar één slok en de kabouters zijn weer wakker. Eén glas kan niet, dan is ineens de fles leeg.’ Na de rehab kwam een kwetsbare periode. ‘De onzekerheid van “waar moet ik wonen, hoe nu verder?” is een probleem voor mensen. Ik had geluk, ik kon naadloos doorstromen naar opvang van het Leger des Heils. Als je teruggaat naar de straat en nachtopvang, is de kans groot dat je terugvalt. Naast een woning is ook gerichte activering belangrijk, geen onbenullige bezigheidstherapie, maar bij de persoon passende activiteiten.’ Zijn boek eindigt met een aantal brieven aan studenten, hulpverleners en instanties. ‘Echtheid is belangrijk, integriteit. Doe wat je zegt en zeg wat je doet als hulpverlener. “Ik voel met je mee” is onzin. Jij hebt geen idee hoe het is om die onrust in je kop te voelen.’ Daklozen hebben ook hulp nodig bij de papiermolen waar zij mee te maken krijgen. En ik ben nog niet eens laaggeletterd, zoals velen. Je zou een coach moeten hebben die het traject overziet.’ Eickholt hoopt dat professionals de mens blijven zien. ‘Niemand heeft als tiener bij de beroepskeuzetest “dakloze” of “heroïnehoer” aangekruist. Zie ons niet als verslaafde, maar als een mens met een verslaving.’

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V. 2018

Authors and Affiliations

  • Carla Overduin
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations