TVZ

, Volume 128, Issue 2, pp 26–26 | Cite as

Obesicare in het verpleeghuis

  • Adri van Beelen
Dossier voeding
  • 18 Downloads

Samenvatting

Min of meer noodgedwongen werd zorgcentrum Liduina van Zorggroep Elde in het Brabantse Boxtel een expertisecentrum voor cliënten met morbide obesitas Nu adviseert het verpleeghuis centra in het hele land hoe om te gaan met deze cliënten. Het devies: afvallen mag wel, maar hoeft niet.

DE MEESTE ZORGINSTELLINGEN in Nederland zijn niet of onvoldoende ingesteld op het verplegen van mensen met ernstige obesitas (BMI > 40), die nog altijd in aantal toenemen. In Liduina van Zorggroep Elde in Boxtel is dat anders. Daar is obesicare inmiddels ingeburgerd. Het begon enkele jaren geleden, vertelt ergotherapeut Maartje van Gerven van het expertiseteam dat het zorgcentrum voor de zorg voor cliënten met obesitas in het leven heeft geroepen. ‘Er was een spoedopname van iemand van 180 kilo. Daar waren we totaal niet op voorbereid. Deurposten waren te smal, wc-potten waren te laag belastbaar, bedden waren niet groot genoeg, rolstoelen niet breed genoeg. We hebben toen een hele zoektocht gehad om te regelen dat we de juiste voorzieningen kregen.

Nu hebben we speciale toiletstoelen die belastbaar zijn tot 320 kilo. Het vraagt ook om een andere werkwijze. Je bent altijd met z’n tweeën in de zorg en verzorgenden gebruiken andere technieken, zoals het op de zij rollen van een cliënt met behulp van een plafondtilsysteem in combinatie met een glijlaken, wat voor de verzorgende minder belastend is.’

Geen obesitasbehandeling

Inmiddels zijn er gemiddeld vier tot zes cliënten met obesitas in het verpleeghuis. Maar in tegenstelling tot wat voor de hand zou liggen, vindt er geen behandeling voor obesitas plaats. Van Gerven: ‘Cliënten komen bij ons primair voor andere ziektes en aandoeningen, of om hier te revalideren. Het doel is dan terugkeer naar huis. We richten ons dus niet op het afvallen, maar op de zelfredzaamheid. Soms is het zelfs belangrijk dat de cliënt op gewicht blijft en voldoende eiwitten krijgt, zoals bij decubituswonden. Bovendien heeft een mens eiwitten nodig voor de spieren. Maar als alles gestabiliseerd is, zou het mooi meegenomen zijn als de cliënt wel wat zou afvallen.’ Ook verpleegkundige en EVV’er Wendy Brok van Liduina wijst erop dat afvallen niet meteen voorop staat. ‘Spontaan afvallen gebeurt mijns inziens niet zomaar. Als een cliënt hier komt wonen, mag de cliënt zijn wensen uiten, ook wat eten en drinken betreft. De diëtist kan naar eigen wens in consult komen.’ De medewerkers gaan wél met de cliënt in gesprek over de wens tot afvallen en welke begeleiding het centrum daarbij kan bieden. Brok: ‘Als iemand niet meteen de wens heeft om gewicht te verliezen of als dit niet kan in verband met wonden, dan schrijft de diëtist een passend voorbeelddagmenu voor. Het is aan de cliënt zelf of hij zich daaraan houdt.’

‘We richten ons op zelfredzaamheid’

Vooroordelen

In Liduina is er geen bewust beleid om zware cliënten bij elkaar of juist niet bij elkaar te leggen. ‘In de praktijk gebeurt het wel, omdat in bepaalde kamers de plafonds verzwaard zijn voor de plafondlift’, zegt Brok. Voor het personeel was het wennen om deze groep cliënten te verplegen. Brok: ‘Helaas kampt ieder mens met bepaalde vooroordelen.’ Als het zorgcentrum een nieuwe obese cliënt opneemt, komt de psycholoog op de afdeling om het team te instrueren. ‘We wisselen dan met elkaar van gedachten. Meningen en vooroordelen komen ook voorbij. De psycholoog heeft een mooi filmpje dat laat zien dat obesitas echt een ziekte is.

Na het kijken van het filmpje ben je een stuk wijzer en weet je hoe het brein werkt bij het tot je nemen van voedsel.’

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V. 2018

Authors and Affiliations

  • Adri van Beelen
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations