Skip to main content

Werkbeleving van bedrijfsartsen (3): context en perspectief

Samenvatting

Onvrede onder artsen over werkdruk en inperking van hun autonomie blijkt een internationaal verschijnsel. Een belangrijke oorzaak is de toegenomen bemoeienis van beleidvoerders (overheid) en financiers (via de managers) met het zorgproces gericht op kostenbesparing en effectievere dienstverlening. Het introduceren van marktwerking binnen het publieke domein was daartoe een belangrijk stap.

De nadruk op efficiëntie en effectiviteit en de grotere afhankelijkheid van de markt hebben geleid tot een institutioneel wantrouwen tussen aanbieders en afnemers en een afrekencultuur. Hierdoor wordt opportunistisch en onethisch handelen bevorderd, innovatie belemmerd en de professionele attitude ondermijnd.

In deze omstandigheden is het van belang dat de bedrijfsarts zijn professioneel elan behoudt. Zo wordt de professional aangesproken op wat hem het sterkst motiveert: het inhoudelijk met het vak bezig zijn, ten bate van de duurzame inzetbaarheid van de beroepsbevolking. Dit is de enige manier om het vertrouwen in het beroep te verwerven en behouden.

Summary

The work experiences of occupational physicians (3): context and perspective

Two previous articles discussed the satisfiers and dissatisfiers identified by occupational physicians in their various work settings. Most of the dissatisfiers related to the organisation and management of large commercial occupational health services.

Dissatisfaction among physicians about workload and curtailment of their autonomy appears to be a general international phenomenon. A major cause is the increased involvement of policy makers (government) and financiers with the process of supplying care, focussing on cost savings and an increasing efficiency. The introduction of market forces in the public domain was an important step towards this.

The position of the occupational physician has been undermined and changed; now the occupational physician has virtually no influence on the shape and direction of his services. The emphasis on efficiency and effectiveness and the greater dependence on the market have led to an institutional distrust between suppliers and customers as well as a blame culture. This promotes opportunistic and unethical behaviour, hampers innovation and undermines a professional attitude.

The Scientific Council for Government Policy (WRR) advises the development of more institutionalised methods of cooperation and communication between the involved parties. Branch organisations and professional organisations could have a uniting role in determining the priorities of occupational healthcare. This would give room to professional activities and more independence of market fluctuations.

In the current circumstances it is important that the occupational physician retains his professional élan. It is an appeal to what motivates him most: to be engaged in his profession for the benefit of a sustainable employability of the labour force. This is the way to gain and to keep the public’s confidence in his profession.

This is a preview of subscription content, access via your institution.

Literatuur

  1. 1

    Plomp HN, Markous S el. Werkbeleving van bedrijfsartsen: wat hen frustreert. Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2014; 22: 304-12.

    Article  Google Scholar 

  2. 2

    Plomp HN, Markhous S el. Werkbeleving van bedrijfsartsen: wat hen motiveert. Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2014; 22: 256-64.

    Article  Google Scholar 

  3. 3

    Shanafelt TD, Slolan JA, Habermann TM. The wellbeing of physicians. The American Journal of Medicine 2003; 114: 513-519. Ref Type: Journal (Full).

    PubMed  Article  Google Scholar 

  4. 4

    Cole TR, Carlin N. The art of medicine, the suffering of physicians. Lancet 2009; 374: 1414-5.

    Article  Google Scholar 

  5. 5

    Karasek R, Brisson C, Kawakami N, et al. The Job Content Questionnaire (JCQ): an instrument for internationally comparative assessments of psychosocial job characteristics. J Occup Health Psychol 1998; 3: 322-55.

    CAS  PubMed  Article  Google Scholar 

  6. 6

    Schaufeli W, Taris T. Het Job Demands-Resources model: overzicht en kritische beschouwing. Gedrag en Organisatie 2013; 26: 182-204.

  7. 7

    Bakker A, Demerouti E. The Job Demands-Resources model: State of the Art. Journal of Managerial Psychology 2010; 22: 309-28.

    Article  Google Scholar 

  8. 8

    Ryan RM, Deci EL. Self-regulation and the problem of human autonomy: does psychology need choice, self-determination, and will? J Pers 2006; 74: 1557-85.

    PubMed  Article  Google Scholar 

  9. 9

    Gulden J van, Rhenen W van. Werken met meer plezier. Is dat te leren? Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2013; 21: 156-9.

    Article  Google Scholar 

  10. 10

    Kalleberg AL. Work Values and Job Rewards: A Theory of Job Satisfaction. American Sociological Review 1977; 42: 124-43.

    Article  Google Scholar 

  11. 11

    Edwards N, Kornacki MJ, Silversin J. Unhappy doctors: What are the causes and what can be done? BMJ 2002; 324: 835-8.

    PubMed Central  PubMed  Article  Google Scholar 

  12. 12

    Leicht KT, Walter T, Sainsaulieu I, Davies S. New Public Management and New Professionalism across Nations and Contexts. Current Sociology 2009; 57: 581-605.

    Article  Google Scholar 

  13. 13

    Plomp HN. The impact of the introduction of market incentives on occupational health services and occupational health professionals: experiences from The Netherlands. Health Policy 2008; 88: 25-37.

    PubMed  Article  Google Scholar 

  14. 14

    Plomp H, Markhous S el, Hermsen M. Waarom NVABrichtlijnen niet worden gevolgd, een kwalitatief onderzoek naar het oordeel van bedrijfsartsen (Why guidelines are not implemented, a qualitative research after the opinion of occupational physicians). Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2012; 20: 299-317.

    Article  Google Scholar 

  15. 15

    ZonMW. Definitie gezondheid Machteld Huber. http://www.zonmw.nl/nl/over-zonmw/begrip-gezondheid/. 2014. Ref Type: Internet Communication.

  16. 16

    Douwe H van. Professionalisering en arbeidsdeling. Sociale Interventie 2006; 2: 17-25. Ref Type: Journal (Full).

    Google Scholar 

  17. 17

    Brock DM, Leblebici H, Muzio D. Understanding professionals and their workplaces: the mission of the Journal of Professions and Organisation. Journal of Professions and Organization 2014; 1: 1-15.

    Article  Google Scholar 

  18. 18

    Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Bewijzen van goede dienstverlening. Amsterdam University Press, 2004.

  19. 19

    Saltman RB, Busse R, Mossialos E. Balancing regulation and entrepreneuralism in European helath care sector: theory and practice. In: Saltman Richard B, Busse Reinhard, Mossialos Elias, editors. Regulating entrepreneurial behaviour in European health care systems. Buckingham: Open University Press 2002: 3-52.

  20. 20

    Royal College of Physicians. Doctors in society: medical professionalism in a changing world, Report a Working Party Royal College of Physicians. London: Royal College of Physicians, 2005.

  21. 21

    Algra D. Wat maakt een goede bedrijfsarts? Over de rafelranden van de beroepsuitoefening en de soms barre condities waaronder bedrijfsartsen moeten werken. Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2014; 22: 33-6.

    Article  Google Scholar 

  22. 22

    Sorgdrager B, Spreeuwers D. Dappere dokters laten zich niet door de wet sturen. Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2014; 22: 299-300.

    Article  Google Scholar 

Download references

Author information

Affiliations

Authors

Corresponding author

Correspondence to Nico Plomp.

Additional information

Dr. H.N. Plomp, socioloog en epidemioloog was verbonden aan de afdeling Sociale Geneeskunde van de Vrije Universiteit Amsterdam.

S. el Markhous Ms, gezondheidswetenschapper, NIVEL Utrecht.

Rights and permissions

Reprints and Permissions

About this article

Verify currency and authenticity via CrossMark

Cite this article

Plomp, N., el Markhous, S. Werkbeleving van bedrijfsartsen (3): context en perspectief. TBV - TIJDSCHRIFT VOOR BEDRIJFS- EN VERZEKERINGSGENEESKUNDE 22, 441–445 (2014). https://doi.org/10.1007/s12498-014-0195-2

Download citation