Jeugd en Co

, Volume 12, Issue 2, pp 3–3 | Cite as

Het Grote Innoveren

Redactioneel
  • 16 Downloads

Samenvatting

Juist als alles op rolletjes loopt, krijg ik de kriebels. Alles gaat goed, iedereen is gezond, ik heb voldoende en leuke opdrachten. Dus word ik onrustig. Quasi dramatisch roep ik uit: ‘Alles moet anders!’

Juist als alles op rolletjes loopt, krijg ik de kriebels. Alles gaat goed, iedereen is gezond, ik heb voldoende en leuke opdrachten. Dus word ik onrustig. Quasi dramatisch roep ik uit: ‘Alles moet anders!’

Maar dat is wel veel: alles. Waar begin je dan? En ligt daar werkelijk de verbetering, in Grote Veranderingen? Ik moest daaraan denken tijdens een gesprek met een jeugdzorgbestuurder die innovatie in de jeugdhulp wil bevorderen. Maandelijks kunnen medewerkers bij haar en haar managementteam een innoverende werkwijze pitchen. Aanvankelijk kwam er niemand, totdat zij duidelijk maakte dat het niet om vernieuwing met een hoog eureka-gehalte hoefde te gaan. Daarna begonnen de ideeën te stromen.

Ze vertelde dat een medewerker die ‘into mindfulness’ is, met kinderen en hun ouders even een moment van stilte inlast voordat ze beginnen met een gesprek. Niet direct een wereldschokkend andere manier van werken. Toch merkt de medewerker dat haar cliënten meer open staan voor elkaar en voor haar. Dat er rust is voor de vragen: Wat is er nodig? Wat wil ik? Direct na de pitch stond er een zware vergadering op het programma van de bestuurder. In plaats van meteen af te trappen, vroeg ze de aanwezigen om drie minuten na te denken over de vraag: wat wil jij komende twee uur graag bereiken? Daarna begon ze met het eerste agendapunt. Van hun stuk gebracht vroegen haar teamleden of ze hun overpeinzingen niet gingen delen. Ook daar namen ze toen wat tijd voor.

Wat bracht dit teweeg? Was er iets wezenlijk veranderd? Verbeterd? ‘Geen idee’, zegt de bestuurder. ‘Het bracht een moment van… een beetje zweverig gezegd misschien: spiritualiteit.’ Met een minieme wijziging van het ‘gewone’ programma, kwam er een extra dimensie in de werkdag, die het werk anders of prettiger maakte. Terwijl de hardcore business hetzelfde bleef.

Ik zie daar wel wat in. Ander werk hoef ik niet – nog elke dag ben ik blij dat ik me in opvoeding en risicojeugd mag verdiepen – en hoe – als bladenmaker, projectleider, dagvoorzitter – is ook divers genoeg. Maar andere accenten leggen kan kleine, waardevolle veranderingen in gang zetten. Op dit moment praat ik daarover met mensen om mij heen, zoals die jeugdzorgbestuurder. Ze brengen me allemaal op ideeën waardoor mijn werk wordt verrijkt. En ook met veel kleine steentjes beïnvloed je de stroming van een rivier.

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum is een imprint van Springer Media B.V., onderdeel van Springer Nature 2018

Authors and Affiliations

  1. 1.

Personalised recommendations