Jeugd en Co

, Volume 10, Issue 6, pp 3–3 | Cite as

Ingrijpend

  • Merel van Dorp
Article
  • 255 Downloads

Samenvatting

Met mijn zoon Ivan (9) en zijn teamgenootje K. rijd ik terug van de voetbalwedstrijd. We praten over hoe oneerlijk het voelt als de scheids niet ziet hoe iemand jou tackelt. Ivan en K. stonden net op het veld nog te stampen van woede, want die scheids was dus ‘vet partijdig’.

Met mijn zoon Ivan (9) en zijn teamgenootje K. rijd ik terug van de voetbalwedstrijd. We praten over hoe oneerlijk het voelt als de scheids niet ziet hoe iemand jou tackelt. Ivan en K. stonden net op het veld nog te stampen van woede, want die scheids was dus ‘vet partijdig’. Het teamgenootje vertelt in één adem door dat hij wel vaker heel boos wordt. Op zijn vorige school ging hij dan met het meubilair gooien. Daarom zit hij nu op een speciale sc hool, want pilletjes helpen niet. Ik kijk even naar de autostoelen, die waarschijnlijk te stevig vastzitten om mee te kunnen gooien. ‘Helpt dat wel?’, vraag ik, ‘die andere school?’ Zijn school vindt hij prima. Alleen therapie is stom. Spelletjes doen, dat helpt toch niet? ‘Waarvoor is die therapie?’ vraag ik. ‘Om over mijn moeder te praten, want die is weg sinds ik vier ben. Waarom weet ik niet.’ Ik zie Ivan nog net niet flapperen met zijn oren. ‘Dat lijkt me heel naar’, zeg ik. ‘K un je je nog herinneren dat ze er nog wel was?’ Dat kan hij, en hij noemt dingen op die leuk waren om met haar te doen.

Nadat we K. hebben afgezet, praten Ivan en ik erover dat sommige kinderen zulke nare dingen meemaken. Hij kan wel begrijpen dat je dan met dingen gaat gooien (en ik zie hem denken dat hij dat weleens had willen meemaken). Bij teamgenoot F. is de papa dood, vertelt hij, net als bij J., omdat die allebei niet meer wilden leven. En de ouders van Z. zijn aan het scheiden. Een snelle rekensom leert mij dat bijna de helft van het negenkoppige team dus al van dit soort ingrijpende gebeurtenissen heeft meegemaakt, in een leventje dat nog geen decennium beslaat. Je kent vast de uitspraak dat één op de der tig kinderen per klas te maken heeft met kindermishandeling, ook zo’n ingrijpende gebeurtenis. En wat nu zo schokkend is: het aantal kinderen in een klas dat iets ingrijpends meemaakt is veel hoger. Het zijn er maar liefst vijftien, blijkt uit recent onderzoek van Augeo Foundation op Nederlandse basisscholen. De kans dat je zo’n kind treft, is dus groter dan je denkt. Hij of zij zit gewoon bij een van je kinderen in de klas, woont bij je in de straat, is misschien je kleine neefje. Of hij zit in het voetbalteam van je zoontje.

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2016

Authors and Affiliations

  • Merel van Dorp
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations