Advertisement

TSG

, Volume 85, Issue 4, pp 221–226 | Cite as

Onderrapportage van sterfte met een onnatuurlijke doodsoorzaak

  • R. A. Lichtveld
  • Chr. van der Werken
Wetenschappelijke artikelen
  • 67 Downloads

Samenvatting

Doel: Het bepalen van het aantal personen dat overlijdt in de provincie Utrecht als gevolg van een niet-natuurlijke oorzaak en de omstandigheden waaronder dit sterven optreedt. Opzet: Prospectieve cohort studie. Methode: Het onderzoek werd uitgevoerd in de periode 1 januari 1999 tot en met 31 december 2000 en betrof het verzorgingsgebied van de Regionale Ambulance Voorziening Utrecht, dat de provincie Utrecht met circa 1.100.000 inwoners omvat. In dit onderzoek zijn gegevens gebruikt vanuit meerdere bronnen namelijk van het Openbaar Ministerie, forensisch geneeskundigen, politie, ambulancezorgverleners en het centraal bureau voor de statistiek (CBS). Resultaten: 574 sterfgevallen (361 (63%) mannen en 213 vrouwen) ten gevolge van niet-natuurlijke doodsoorzaak zijn onderzocht. 366 (64%) patiënten stierven buiten het ziekenhuis. Zelfdoding was de belangrijkste oorzaak, gevolgd door verkeersongevallen en ongevallen in de privé-sfeer. Veel van de dodelijk verongelukte verkeersdeelnemers hadden zich niet aan de verkeersregels gehouden. Mannen stierven tweemaal zo vaak een niet-natuurlijk dood dan vrouwen. Er was een onderrapportage bij het CBS wat betreft het aantal personen dat overleed als gevolg van een verkeersongeval. Conclusie: Het aantal sterfgevallen ten gevolge van een niet-natuurlijk overlijden kon door het gebrek aan eenduidige gegevens niet worden vastgesteld. De registratie van sterfgevallen moet beter op elkaar worden afgestemd en worden aangevuld met gegevens van ambulancezorg en ziekenhuizen. Investering in verbetering van registratie en de uitvoering van onderzoek kunnen de basis vormen vpreventieve activiteiten.

sterfte niet-natuurlijk overlijden doodsoorzaken registratie preventie 

Abstract

Underreporting of mortality with a non natural cause of death

Objective: To determine the number of persons that die as a result of a non natural cause and circumstance among which this death appears. Design: Prospective cohort study. Method: Data were collected from 574 victims during the period 1999 to 2000. In this research data are used from several sources: Public Prosecution Service, forensic medical officer, police force, ambulance care providers and CBS. Results: 361 (63%) men and 213 women died as a result of a non natural cause of death. 366 (64%) patients died outside the hospital. Suicide was the most important cause, followed by traffic accidents and accidents at home. In much of the deadly traffic accidents, the victims had not kept to the traffic rules. Men died twice as often a non natural cause of death then women. There was considerable underestimation of the number of persons which died as a result of traffic accidents. Conclusion: It was not possible tot determine the number of persons that die of non natural causes as consequence of incomplete data. The collected data must be better attuned and to be completed with data from ambulance services and hospitals. Investments in improvement of recording and conducting investigation are able to form the basis of preventive activities.

mortality non natural death causes of death registration prevention 

Literatuur

  1. 1.
    CBS. Voorburg/Heerlen: CBS, 2006-10-16Google Scholar
  2. 2.
    O’Connor AE, Parry JT, Richardson DB, Jain S, Herdson PB. A Comparison of the Antemortem Clinical Diagnosis and Autopsy Findings for Patients Who Die in the Emergency Department. Acad Emerg Med 2002;9:957-9.Google Scholar
  3. 3.
    Timen A, Venrooy van HMJM, Das C. Suïcides in Amsterdam en omstreken, 1993-1997. Tijdschr Gezondheidswet 2000;78:342-6.Google Scholar
  4. 4.
    Mayrose J, Jehle D, Hayes M, Tinnesz D, Piazza G, Wilding GE. Influence of the Unbelted Rear-seat Passenger on Driver Mortality: "The Backseat Bullet". Acad Emerg Med 2005;12:130-4.Google Scholar
  5. 5.
    Aghayev E, Yen K, Sonnenschein M et al. Virtopsy post-mortem multi-slice computed tomography (MSCT) and magnetic resonance imaging (MRI) demonstrating descending tonsillar herniation: comparison to clinical studies. Neuroradiology 2004;46:559-64.Google Scholar
  6. 6.
    Osuna E, Perez-Carceles MD, Alvarez MV, Noguera J, Luna A. Cardiac troponin I (cTn I) and the postmortem diagnosis of myocardial infarction. Int J Legal Med 1998;111:173-6.Google Scholar
  7. 7.
    Allen S, Zhu S, Sauter C, Layde P, Hargarten S. A Comprehensive Statewide Analysis of Seatbelt Non-use with Injury and Hospital Admissions: New Data, Old Problem. Acad Emerg Med 2006;13:427-34.Google Scholar
  8. 8.
    Close J, Ellis M, Hooper R, Glucksman E, Jackson S, Swift C. Prevention of falls in the elderly trial (PROFET): a randomised controlled trial. Lancet 1999; 353(9147):93-7.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2007

Authors and Affiliations

  1. 1.

Personalised recommendations