Skip to main content

Problemen bij het opsporen van depressieve- en angststoornissen bij bewoners van verzorgingshuizen

Screening for depression and anxiety in residential homes for the elderly

Elderly persons in residential homes in the Netherlands are at high risk for developing major depressive and anxiety disorders. A stepped-care protocol being used in a study for vulnerable elderly in the community may also be feasible and effective for this group. A pilot study in a residential home in Amsterdam showed more problems than expected in screening and motivating the inhabitants for this intervention protocol. This article describes the problems in our screening procedure. A personal approach, performed by familiar persons, directed at the more independent inhabitants is most likely to succeed. The need for research on effectiveness and feasibility of evidence based methods in residential care remains evident. However, the more vulnerable inhabitants need something else. For this group of inhabitants we need to look more closely to the needs and possibilities by conducting research using a qualitative design.

Samenvatting

Bewoners van verzorgingshuizen in Nederland vormen een hoogrisicogroep voor het krijgen van een depressieve- of een angststoornis. Een eerder ontwikkeld preventief interventieprotocol voor ouderen die thuis wonen is mogelijk ook goed toepasbaar bij ouderen in verzorgingshuizen. In een verkennende studie in een verzorgingshuis in Amsterdam bleek dat het moeilijker was dan verwacht om bewoners met lichte klachten op te sporen en hen vervolgens te motiveren tot deelname aan een interventieprotocol. In dit artikel bespreken we de aanpak en de problemen rond de screening en de motivering van deze bewoners. Onze ervaring was dat de door ons voorgestelde screeningsprocedure aanpassing behoeft, maar desondanks voor een deel van de bewoners niet haalbaar blijkt. Het blijft wenselijk om te onderzoeken in hoeverre de bestaande “evidence based” strategieën om depressie en angststoornissen te voorkomen toepasbaar en effectief zijn in verzorgingshuizen. De behoeften en mogelijkheden van bewoners voor wie deze methoden niet toerijkend zijn, dienen door middel van kwalitatief onderzoek beter in kaart gebracht te worden.

This is a preview of subscription content, access via your institution.

Literatuur

  1. 1.

    Beekman AT, Deeg DJ, van Tilburg T, Smit JH, Hooijer C, van Tilburg W. Major and minor depression in later life: a study of prevalence and risk factors. J Affect Disord 1995; 36(1-2):65-75.

    Google Scholar 

  2. 2.

    Beekman AT, Bremmer MA, Deeg DJ, van Balkom AJ, Smit JH, de Beurs E et al. Anxiety disorders in later life: a report from the Longitudinal Aging Study Amsterdam. Int J Geriatr Psychiatry 1998; 13(10):717-726.

    Google Scholar 

  3. 3.

    Beekman AT, de Beurs E, van Balkom AJ, Deeg DJ, van Dyck R, van Tilburg W. Anxiety and depression in later life: Co-occurrence and communality of risk factors. Am J Psychiatry 2000; 157(1):89-95.

    Google Scholar 

  4. 4.

    Eisses AM, Kluiter H, Jongenelis K, Pot AM, Beekman AT, Ormel J. Prevalence and incidence of depression in residential homes for the elderly in the province of Drenthe, the Netherlands: higher than among the elderly in the general population, yet lower than in other residential homes. Ned Tijdschr Geneeskd 2002; 146(20):946-949.

    Google Scholar 

  5. 5.

    Diesfeldt HF, Jas KJ, Merbis CP. Hulpbehoeften en psychosociale zorgvragen in verzorgingshuizen. Tijdschr Gerontol Geriatr 1993; 24(2):45-50.

    Google Scholar 

  6. 6.

    Beekman AT, Geerlings SW, Deeg DJ, Smit JH, Schoevers RS, de Beurs E et al. The natural history of late-life depression: a 6-year prospective study in the community. Arch Gen Psychiatry 2002; 59(7):605-611.

    Google Scholar 

  7. 7.

    Mrazek PJ, Haggerty RJ, Institute of Medicine.Division of Biobehavioral Sciences and Mental Disorders.Committee on Prevention of Mental Disorders. Reducing risks for mental disorders : frontiers for preventive intervention research. Washington, D.C.: National Academy Press, 1994.

  8. 8.

    Smit F, Ederveen A, Cuijpers P, Deeg D, Beekman A. Opportunities for cost-effective prevention of late-life depression: an epidemiological approach. Arch Gen Psychiatry 2006; 63(3):290-296.

    Google Scholar 

  9. 9.

    Boer AH. Rapportage ouderen 2006 : veranderingen in de leefsituatie en levensloop. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, 2006.

  10. 10.

    van t'Veer, van Marwijk H, van Oppen P, Nijpels G, van Hout H, Cuijpers P et al. Prevention of anxiety and depression in the age group of 75 years and over: a randomised controlled trial testing the feasibility and effectiveness of a generic stepped care programme among elderly community residents at high risk of developing anxiety and depression versus usual care [ISRCTN26474556]. BMC Public Health 2006; 6:186.

  11. 11.

    Dozeman E, van Schaik DJ, Beekman AT, Stalman WA, Bosmans JE, van Marwijk HW. Depression and anxiety, an indicated prevention (DIP) protocol in homes for the elderly: feasibility and (cost) effectiveness of a stepped care programme. BMC Geriatr 2007; 7:6.

    Google Scholar 

  12. 12.

    Radloff LS. The CES-D Scale: a self-report depression scale for research in the general population. J Applied Psychol Measurement 1977;385-401.

  13. 13.

    Beekman AT, Deeg DJ, Van Limbeek J, Braam AW, De Vries MZ, van Tilburg W. Criterion validity of the Center for Epidemiologic Studies Depression scale (CES-D): results from a community-based sample of older subjects in The Netherlands. Psychol Med 1997; 27(1):231-235.

    Google Scholar 

  14. 14.

    Radloff LS. Use of the Center for Epidemiological Stusies-Depression Scale with older adults. Clin Gerontol 1986; 5:119-136.

    Google Scholar 

  15. 15.

    Sheehan DV, Lecrubier Y, Sheehan KH, Amorim P, Janavs J, Weiller E et al. The Mini-International Neuropsychiatric Interview (M.I.N.I.): the development and validation of a structured diagnostic psychiatric interview for DSM-IV and ICD-10. J Clin Psychiatry 1998; 59 Suppl 20:22-33.

    Google Scholar 

  16. 16.

    Folstein MF, Folstein SE, McHugh PR. "Mini-mental state". A practical method for grading the cognitive state of patients for the clinician. J Psychiatr Res 1975; 12(3):189-198.

    Google Scholar 

  17. 17.

    de Wit AE, Pot AM, Beekman A, Ribbe MW. Behandeling van depressieve klachten in het verpleeghuis. ISBN 90-9019202-6. 2005. Amsterdam. Ref Type: Report

  18. 18.

    Smalbrugge M, Jongenelis L, Pot AM, Eefsting JA, Ribbe MW, Beekman AT. Incidence and outcome of depressive symptoms in nursing home patients in the Netherlands. Am J Geriatr Psychiatry 2006; 14(12):1069-1076.

    Google Scholar 

Download references

Author information

Affiliations

Authors

Corresponding author

Correspondence to E. Dozeman.

Additional information

GGZ verpleegkundig Specialist/promovendus, GGZ Buitenamstel/VUmc, Amsterdam

Psychiater/senior onderzoeker, GGZ Buitenamstel/VUmc, Amsterdam

Huisarts/senior onderzoeker, VUmc Amsterdam

GZ-psycholoog/docent opleiding verpleeghuisarts GERION, VUmc Amsterdam

Psychiater/hoogleraar, GGZ Buitenamstel/VUmc, Amsterdam

Drs. E Dozeman. Afdeling Huisartsgeneeskunde VUmc, van den Boechorststraat 7 1081 BT Amsterdam

About this article

Cite this article

Dozeman, E., van Schaik, D.J.F., van Marwijk, H.W.J. et al. Problemen bij het opsporen van depressieve- en angststoornissen bij bewoners van verzorgingshuizen. GEEG 39, 100–106 (2008). https://doi.org/10.1007/BF03078135

Download citation

  • psychiatric disorders
  • prevention
  • homes for the elderly
  • depressie
  • angst
  • ouderen
  • verzorgingshuis
  • screening