De Economist

, Volume 31, Issue 1, pp 329–350 | Cite as

De Schotsche Banken en haar arbeidsveld

  • J. Lunden
Article
  • 12 Downloads

Preview

Unable to display preview. Download preview PDF.

Unable to display preview. Download preview PDF.

Literatur

  1. (*).
    In 1844 schatte Mr. Newmarch het bedrag gemunt gound dat toen in Engeland was, op 36.000.000 pd. st.; Mr. Weguelin schatte het in 1857 op 57.000.000 pd. st. en in 1875 werd het door Mr. Hendriks op 100.000.000 pd. st. geraamd. Wanneer men hierbij voegt het bedrag ongemunt goud dat in de kelders van de Bank vau Engeland is, dan heeft men ongeveer het bedrag van deu goudvoorraad in Engeland.Google Scholar
  2. (*).
    The Scotch Banks and their system of issue. Edinburgh 1873, bl. 24.Google Scholar
  3. (*).
    Our Scotch Banks, their position and their policy. Edinb. '79, bl. 87.Google Scholar
  4. (*).
    In “The Economist” van den 3 Juni 1876, blz. 651, wordt de meening verkondigd, dat het gemis aan een verslag geweten moet worden aan gemis van overeenstemming bij de commissie.Google Scholar
  5. (*).
    Antwoord van Mr. Crake, directeur der London and Westminster Bank, op vraag 7031 der commissie van 1875.Google Scholar
  6. (*).
    A practical treatise on banking; Londen 1855, II, blz. 520.Google Scholar

Copyright information

© Te's Gravenhage bij H. L. Smits 1882

Authors and Affiliations

  • J. Lunden
    • 1
  1. 1.Amsterdam

Personalised recommendations