Advertisement

De Economist

, Volume 69, Issue 1, pp 415–429 | Cite as

Grepen uit de geschiedenis der delftsche brouwnering

  • E. M. A. Timmer
Article
  • 25 Downloads

Preview

Unable to display preview. Download preview PDF.

Unable to display preview. Download preview PDF.

Literature

  1. 14).
    Keurboek II, fol. 252.Google Scholar
  2. 15).
    De ordonnantie spreekt van het gruit- en hopgeld, toekomend aan den graaf van Holland en den heer van Wassenaar samen; in 1555 nu is Delft door Karel V met de grafelijke helft van het gruit- en hopgeld beleend.Google Scholar
  3. 16).
    1 st.=16 penn.Google Scholar
  4. 17).
    Keurboek II, fol. 123.Google Scholar
  5. 18).
    Keurboek II, fol. 256. Artikelen betreffende hooftmans, welke in 1553 aan een andere ordonnantie, te vinden Keurboek II, fol. 123 vs., zijn toegevoegd, vinden we in onze ordonnantie vermeld als geschrapt, terwijl de oudste veranderingen blijken te zijn aangebracht in 1570.Google Scholar
  6. 19).
    12 tonnen.Google Scholar
  7. 20).
    Gem.-arch. v. Delft.Google Scholar
  8. 21).
    Zie uitvoerig over den impost op de gijlbieren mijn artikel in de Bijdragen voor vad. geschiedenis en oudheidkunde, 5e Reeks III, blz. 360 vlg.Google Scholar
  9. 22).
    Groot Plackaet-Boeck II, 2164.Google Scholar
  10. 23).
    Zie boven, blz. 415. Het is natuurlijk niet gezegd, dat in 1584 het bedrag van den stedelijken accijns nog onveranderd was.Google Scholar
  11. 24).
    Keurboek III, fol. 155.Google Scholar
  12. 25).
    Van Bleyswijck, blz. 94.Google Scholar
  13. 26).
    Van Bleyswijck, blz. 100.Google Scholar
  14. 27).
    Keuren en ordonnantiën, blz. 216.Google Scholar
  15. 28).
    Keurboek II, fol. 26.Google Scholar
  16. 29).
    Zie over de bierkruiers ook mijn artikel: Uit de nadagen der Delftsche brouwneering, Economist 1916.Google Scholar
  17. 30).
    Keurboek II, fol. 5 vs.Google Scholar
  18. 31).
    Het bedrag van de boete is niet goed leesbaar.Google Scholar
  19. 32).
    Zie boven, blz. 420.Google Scholar
  20. 33).
    Keurboek III, fol. 207 vs.Google Scholar
  21. 34).
    Zie boven, blz. 418.Google Scholar
  22. 35).
    Zie “Uit de nadagen der Delftsche brouwneering”.Google Scholar
  23. 36).
    Keurboek IV, fol. 210.Google Scholar
  24. 37).
    Denkelijk zal vóór dat jaar de bieraccijns in Delft wel reeds tot een ander bedrag zijn geheven dan bij de ordonnantie van 1574 was vastgesteld.Google Scholar
  25. 38).
    Aanwezig in het gem-archief van Delft, maar niet in de keurboeken opgenomen.Google Scholar
  26. 39).
    Dunnebier was het product van een herhaalde bewerking op de speciën, welke al tot het brouwen van zwaar bier hadden dienst gedaan. De lichte biersoorten verkreeg men door in de gijlkuip het zware bier met dunnebier in de gewenschte verhoudingen aan te lengen.Google Scholar
  27. 40).
    Keurboek X, fol. 120 vs.Google Scholar
  28. 41).
    Keurboek X, fol. 118.Google Scholar
  29. 42).
    G. P. B. III, 1005.Google Scholar
  30. 43).
    Soutendam, Keuren en ordonnantiën, blz. 158.Google Scholar
  31. 44).
    Keurboek II, fol. 151 vs.Google Scholar
  32. 45).
    Soutendam, Keuren en ordonnantiën, blz. 173.Google Scholar
  33. 46).
    Keurboek III, fol. 90 vs.Google Scholar
  34. 47).
    Keurboek III, fol. 64.Google Scholar

Copyright information

© De Nederlandsche Boek- En Steendrukkerij 1920

Authors and Affiliations

  • E. M. A. Timmer

There are no affiliations available

Personalised recommendations