TVZ

, Volume 128, Issue 2, pp 49–49 | Cite as

‘Onderschat de overgang naar huis niet’

  • Bohn Stafleu van Loghum
Onderzoek & praktijk
  • 45 Downloads

Samenvatting

Welke knelpunten ontstaan er zodra thuiswonende ouderen met ontslag gaan uit het ziekenhuis? Wat kan een verpleegkundig specialist hierin betekenen? Marieke Reijnen onderzocht het, bezien vanuit de oudere zelf, mantelzorgers en eerstelijnszorgprofessionals.

Marieke Reijnen

Is: net afgestudeerd verpleegkundig specialist in een huisartsengroepspraktijk

Opleiding: Master of Advanced Nursing Practice, Fontys Hogeschool

Praktijkprobleem

‘Binnen onze huisartsenpraktijk is ouderenzorg een belangrijk speerpunt. Enerzijds vanwege de dubbele vergrijzing in de regio, anderzijds door transities in de zorg en overheidsbeleid dat erop gericht is ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen. In onze praktijk sporen wij kwetsbare ouderen actief op en begeleiden hen waar nodig. Een (tijdelijke) opname is voor ouderen een zeer risicovolle gebeurtenis. Bij 30 tot 60 procent ontstaat onherstelbaar functieverlies als gevolg van complicaties tijdens deze opname.

Na ontslag kan dit verder toenemen, wat leidt tot grotere afhankelijkheid. Er ontstaan problemen die vooraf niet altijd te voorzien zijn, zo blijkt in de praktijk. Eenmaal thuis ervaren de ouderen toegenomen beperkingen en voelen zich hulpeloos. Uit onderzoek blijkt dat de overgang van ziekenhuis naar thuissituatie vaak wordt onderschat. Dit kan resulteren in problematiek als valincidenten of heropnames. Omdat er niet altijd zicht is op de nieuwe beperkingen, komen ze vaak te laat aan het licht.’

Onderzoeksopzet

‘Ik koos voor een kwalitatief onderzoek, uitgevoerd door middel van semigestructureerde interviews met acht ouderen en vijf mantelzorgers binnen een maand na ontslag. Werving vond plaats door doelgerichte steekproef selectie, tot saturatie van gegevens was bereikt. Inclusiecriteria waren een leeftijd van 75 jaar en ouder, opnameduur langer dan 72 uur, ontslag terug naar de thuissituatie en informed consent. Drie huisartsen en één praktijkondersteuner ouderenzorg zijn geïnterviewd in een focusgroep. Data-analyse vond plaats middels het 6-fasen model van Braun & Clarke.’

Resultaten

‘De geïnterviewde ouderen hadden een gemiddelde leeftijd van 82,1 jaar. De gemiddelde opnameduur was 12,6 dagen. Door vermoeidheid en lichamelijke zwakte bemerkten zij achteruitgang van mobiliteit en problemen met het hervatten van ADL/HDL en sociale activiteiten. In alle gevallen was ondersteuning van mantelzorg in meer of mindere mate nodig. Enkele mantelzorgers vonden de draaglast te hoog. Medicatieveranderingen zorgden voor de meeste verwarring: denk aan een nieuwe pil, andere vorm en/of een ander merk. Begrijpen en onthouden van informatie vonden de ouderen moeilijk, net als het accepteren van de toegenomen afhankelijkheid en het vragen van hulp. De eerstelijnszorgprofessionals benoemden vooral achteruitgang in mobiliteit, overbelasting van mantelzorg en problemen in medicatiegebruik als predisponerende factoren voor grotere problematiek na ontslag.’

Praktijk

‘Vooral in de eerste periode na ontslag treden de meeste knelpunten op. Snelle inschatting – het liefst binnen 48 uur na ontslag – van de situatie is daarom van belang. Er dient hierbij aandacht te zijn voor de onderwerpen zoals beschreven in bovenstaande resultaten. Onderlinge verschillen in fysieke en cognitieve vitaliteit van de oudere vragen een persoonsgerichte aanpak met individuele doelen. Periodieke, frequente evaluaties dienen plaats te vinden. Een verpleegkundige (zoals de praktijkondersteuner of verpleegkundig specialist) die dichtbij de huisarts staat en kennis heeft van mogelijkheden en zorgorganisaties, lijkt hiervoor de aangewezen persoon.’

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V. 2018

Authors and Affiliations

  • Bohn Stafleu van Loghum
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations