Advertisement

Fizier

, Volume 35, Issue 3, pp 21–21 | Cite as

Kostprijzen zijn zinloos

  • Bohn Stafleu van Loghum
Duopinie
  • 30 Downloads

Samenvatting

Als controller kun je alleen maar tegen zijn, zou je denken, maar niets is minder waar….! Het nadeel van kostprijzen in de zorg is dat het individualisme teveel de nadruk krijgt.

Als controller kun je alleen maar tegen zijn, zou je denken, maar niets is minder waar….! Het nadeel van kostprijzen in de zorg is dat het individualisme teveel de nadruk krijgt.

De kracht van de zorg zit in het collectief, in de gezamenlijkheid. Binnen de woonvoorziening en tijdens de dagactiviteiten krijgen cliënten in groepen begeleiding en behandeling. Deze is deels gestoeld op een solidariteitsgedachte: vandaag krijg je wat meer en morgen wat minder en gemiddeld zou iedereen moeten krijgen waar hij of zij recht op heeft. Dit heeft als voordeel dat de uitschieters in de (incidentele) zorgvraag worden opgevangen binnen de groep. Er hoeft niet voor elk wissewasje en nieuwe beschikking of indicatie te worden aangevraagd. Individuele kostprijzen en de beweging naar persoonsvolgende budgetten lokken dit echter wel uit. De schokdempers moeten dan van buiten gehaald worden… met weer meer administratieve rompslomp en uiteindelijk weer hogere kostprijzen tot gevolg. De zorg als ‘lui’ bestempelen, is onterecht. Er is sprake van een andere focus, namelijk de leefwereld in plaats van de systeemwereld. We werken niet met standaardproducten, maar er is maatwerk per cliënt. Als medewerker dien je uit te komen met je caseload en als afdeling opereer je budgetneutraal. Kortom, resultaatbepaling niet op individueel niveau, maar op groeps- of afdelingsniveau.

Arnold van Wijngaarden, hoofd control, Stichting Radar, Maastricht

Daarnaast leiden kostprijzen bij groepen tot een arbitrair toerekeningsvraagstuk. Het is fantastisch voor onze rekenmeesters om activiteiten te identificeren en kostdrivers te benoemen en vervolgens een mooie Excelsheet te bouwen die de waarheid tot op de cent in beeld brengt. Maar waar blijft hier de cliënt? Wat heeft de cliënt hier aan? De cliënt wil kwaliteit van leven en tevreden zijn over de zorg. Soms een onsje meer, soms een onsje minder, maar per saldo klopt het. Is dat niet voldoende?!

Helaas is de zorgsector een van de weinige sectoren die nog onbekommerd kunnen zeggen dat ‘we de kostprijs niet weten’, want het is veel te complex. Het kennen van de eigen kostprijzen is echter noodzakelijk om te kunnen sturen en ervoor te zorgen dat de patiënten en cliënten de zorg zo goed en efficiënt mogelijk krijgen. Toch is er weerstand tegen kostprijzen.

Anne Leemhuis, lid raad van bestuur Antes, Rotterdam

Ten eerste zien we een grote onbeholpenheid. De 80-20-regel wordt direct vergeten en de kostprijs wordt snel op de individuele cliënt betrokken en niet op een dienstverleningscategorie, zoals de ‘begeleiding met of zonder dagactiviteiten’. Daarenboven wordt de kostprijs verward met de externe bekostiging, ook jammer. De waarschuwing voor de individuele claims op zorgminuten is terecht, maar dat betreft consumentisme, het individueel beroep doen op afgemeten aanspraken. Dit heeft echter niets met het kennen van kostprijzen te maken. Een tweede veelgehoord argument is dat de ‘leefwereld’ centraal staat in de zorg, met name in de care. Dit lijkt toch een wat dwaas argument voor een sector waar miljarden per jaar besteed worden. De financials in de zorg zouden als eerste de verbinding tussen de systeem- en de leefwereld moeten maken. Kostprijzen lenen zich hier uitstekend voor. Daarbij doet de financial er uiteraard goed aan duidelijk te maken welke waarde de berekende kostprijzen hebben. De toerekeningsvraagstukken bij kostprijsberekeningen zijn daarbij echt niet méér arbitrair dan bij het vaststellen van een indicatie of het opstellen van een leefof behandelplan. Nee, kostprijzen zijn noodzakelijk voor de interne sturing, ze geven inzicht in kruis-subsidiëring en zijn materiaal om met de financier om tafel te gaan, om gemotiveerd tegenwicht tegen te lage tarieven te bieden. En als het dan ook lukt om de 80-20-regel toe te passen en geen regelgeving te maken op de uitzonderingen, dan helpt dat enorm om regelgekte te voorkomen. Kortom: de kostprijzen zijn net als een ‘allesreiniger’: die maakt echt niet alles schoon, maar het frist wel lekker op.

Copyright information

© HEAD 2018

Authors and Affiliations

  • Bohn Stafleu van Loghum
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations