Advertisement

Geron

, Volume 19, Issue 4, pp 15–18 | Cite as

Vrijwilligerswerk met het oog op de toekomst

  • Lieve Vanderleyden
  • Arie Stolk
Thema: Vrijwilligerswerk
  • 334 Downloads

Samenvatting

Het verenigingsleven in de lage landen is gegroeid vanuit diverse religieuze en ideologisch geïnspireerde organisaties die de belangen van burgers wilden dienen en beschermen. In dat kader was de inzet van vrijwilligers heel belangrijk. Mensen die zich vrijwillig engageren in een of andere organisatie dragen verantwoordelijkheid maar worden ook geconfronteerd met verplichtingen. Echter het klassieke verenigingsleven is voor een aantal vrijwilligers wat minder aantrekkelijk geworden want onvoldoende aangepast aan de veranderende samenleving waarin er meer ruimte is voor initiatiefneming en autonomie. Zo krijgen onder meer burgerinitiatieven meer draagvlak als een vorm van vrijwillige inzet.

Literatuur

  1. Baren, E.A. van, Meijs, L.C.P.M., Roza, L., Metz, J. & Hoogervorst, N. (2011). Hoe derde partijen zoals overheden, bedrijven en fondsen, hedendaags vrijwilligerswerk ‘,vrijwilligersm an agement en de civil society kunnen bevorderen. http://www.erim.eur.nl/ERIM/Research/Centres/Erasmus_Centre_forStrategic_Philanthropy/Research/Publications/Hoe_derde_partijen_vrijwilligers-werk_kunnen_bevorderen.pdf
  2. Bekkers, R., Schuyt, Th. & Gouwenberg, B. (2017). (red.) Geven in Nederland 2015. Huishoudens, nalatenschappen, fondsen, bedrijven, goede doelenloterijen en vrijwilligers, Amsterdam: Lenthe.Google Scholar
  3. Bral, L. & Pauwels, G. (2017). Verenigingen en vrijwilligers: hardnekkige fenomenen. In: Carton, A., Pickery, J. & Verlet, D. (red.) Twintig jaarpeilen in Vlaanderen! De ‘survey sociaal-culturele verschuivingen in Vlaanderen’, (pp. 33-56). Brussel: Studiedienst van de Vlaamse Regering.Google Scholar
  4. Claasen, A. & Welling, N. (2006). Verkenning van een nieuwe definitie van vrijwilligerswerk/vrijwillige inzet, Nijmegen: Raboud Universiteit.Google Scholar
  5. Dekker, P & Hart, J. de (red.) (2009) werk in meervoud, Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.Google Scholar
  6. Hetem, R. & Straatman, S. (2011). Ondersteuning burgerinitiatieven door steunpunten vrijwilligerswerk. MOVISIE, kennis en advies voor maatschappelijke ontwikkeling.Google Scholar
  7. Hurenkamp, M. & Rooduijn, M. (2009). Kleinschalige burgerinitiatieven in perspectief. In: Dekker, P. & Hart, J. de (red.) Vrijwilligerswerk in meervoud, (pp. 197-215), Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.Google Scholar
  8. Hustinx, L. (2017). De tirannie van de nieuwe vrijwilliger. In: Hambach, E., Pelsmakers, L. & Verdée, J. (red.) 40 jaar prikk(el)end vrijwilligerswerk, (pp. 25-26), Antwerpen: Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk vzw. Google Scholar
  9. Putnam, D.R. (2000). Bowling alone: the collapse and revival of American community, New York: Simon and Schuster. Google Scholar
  10. Rozario, Ph.A., Morrow-Howell, N. & Hinterlong, J.E. (2004). Role enhancement or role strain: assessing the impact of multiple productive roles on older caregiver well-being. Research on Ageing, 26 (4), 413-428.Google Scholar
  11. Thoits, P. & Hewitt, L. (2001). Volunteer work and well-being. Journal of Health and Social Behavior, 42, 115-131.Google Scholar
  12. Vanderleyden, L. & Heylen, L. (2015). Het combineren van meerdere rollen op oudere leeftijd: een lust of een last? In: Vanderleyden, L. & Callens, M. (red.) Arbeid en Gezin: een paar apart, (pp. 175-201). SVR-studie 2015/1, Brussel: Studiedienst van de Vlaamse Regering.Google Scholar

Copyright information

© Stichting Geron 2017

Authors and Affiliations

  • Lieve Vanderleyden
    • 1
  • Arie Stolk
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations