Jeugd en Co Kennis

, Volume 4, Issue 4, pp 6–6 | Cite as

Geheimen voorspellen delinquent gedrag

  • Ton Ceelen
Ton Ceelen

Als pubers zaken geheimhouden voor hun ouders, is de kans groter dat ze later delinquent gedrag vertonen, blijkt uit het proefschrift van psycholoog Loes Keijsers. Regels stellen en informatie opeisen heeft daar geen invloed op, een goede ouder-kindrelatie wel.

‘Wetenschappers keken bij delinquentieonderzoek altijd naar wat ouders wisten over het doen en laten van hun kind. Vervolgens concludeerden ze dat controle helpt tegen delinquentie’, vertelt Keijsers. ‘Wij hebben gekeken naar het opvoedgedrag en wat de kinderen zelf vertellen. Dan blijkt dat verband minder sterk. Regels uitvaardigen en vragen stellen helpt meestal niet tegen delinquentie.’

Met name wanneer adolescenten bewust informatie achterhouden, duikt een jaar later probleemgedrag op, zoals vandalisme en winkeldiefstal. ‘Op dat moment trekken ouders vaak hun handen van het kind af’, schetst Keijsers. ‘Ze voelen zich mislukt als opvoeder. Dan heeft delinquentie als gevolg dat de controle afneemt, in plaats van wat we vroeger dachten: dat het loslaten van controle delinquentie veroorzaakt.’

Minder openheid en experimenteren met normoverschrijdend gedrag behoren bij het normale patroon van een 13-jarige. ‘Kinderen willen zelf beslissingen nemen; ouders moeten langzamerhand de controle overgeven. Dat bevordert de groei naar autonomie.’ Maar het is lastig het juiste tempo te bepalen, weet Keijsers. ‘Als je kinderen meteen helemaal loslaat, is dat ongunstig voor hun ontwikkeling, terwijl veel controle leidt tot conflicten omdat kinderen dat ervaren als een privacyschending.’

Keijsers constateert dat er domeinen zijn waar controle goed valt en andere domeinen waar ouders zich niet mee mogen bemoeien. ‘Alcohol is zo'n punt: een kind van 12 vindt het legitiem als ouders zeggen dat het te jong is om te drinken. Maar als je je dochter verbiedt een spijkerbroek met gaten te dragen, denkt zo'n kind: dat is mijn keuze, anderen mogen het ook.’

Ouders moeten volgens Keijsers oog houden voor het feit dat dit losmaakproces erbij hoort en niet betekent dat zij als opvoeders falen. ‘De adolescentie is een moeilijke periode: je kind verandert voortdurend en jij moet dus steeds je opvoedmethode aanpassen. Dat kan niet zonder ups en downs.’

Een goede ouder-kindrelatie is in haar ogen de sleutel tot een gezond controleniveau tijdens de adolescentie. ‘Als je niets bespreekt met je kind op 10-jarige leeftijd, mag je niet verwachten dat je drie jaar later informatie krijgt over dingen als roken, vriendjes en uitgaan. Leer jonge kinderen dat het normaal is om te vertellen over school. Uit studies blijkt dat samen eten belangrijk is. Samen tijd doorbrengen, interesse tonen, privacy respecteren en positief reageren wanneer ze iets vertellen, helpt allemaal om te zorgen dat pubers minder geheim houden.’

Bibliography

  1. L.G.M.T. Keijsers, Does your mother know? Parent-child communication about adolescent daily activities. Universiteit Utrecht, 3 september 2010. Te downloaden via www.igitur-archive.library.uu.nl.

Copyright information

© Bohn, Stafleu van Loghum 2010

Authors and Affiliations

  • Ton Ceelen
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations