Advertisement

Directieve therapie

, Volume 29, Issue 4, pp 254–277 | Cite as

Competitive memory training (COMET) voor piekeren

De anti-piekertraining
  • Sabine MartensEmail author
  • Kees Korrelboom
  • Irma Huijbrechts
Artikelen

Samenvatting

Hoewel verschillende methoden effectief zijn gebleken in de behandeling van gegeneraliseerde angststoornis (GAS), blijft de effectiviteit ervan bij de meeste andere angststoornissen een stuk minder. Mogelijk wordt dit in de hand gewerkt door het feit dat er betrekkelijk weinig interventies zijn ontwikkeld die zich specifiek richten op de meest karakteristieke kenmerken van de stoornis. Nu piekeren wordt beschouwd als dat centrale kenmerk van GAS, zijn er inderdaad enkele nieuwe veelbelovende specifieke methoden ontwikkeld, zoals metacognitieve therapie en een methode die zich speciaal richt op het reduceren van het onvermogen om met onzekerheid om te gaan. Deze nieuwe methoden moeten echter nog grondig worden getest op hun waarde. Een andere nieuwe methode is competitive memory training (COMET) voor piekeren en rumineren. Na een beschrijving van deze methode wordt een eerste baselinegecontroleerde pilotstudie gepresenteerd. Patiënten (35) kregen zes groepszittingen COMET, terwijl hun reguliere behandeling doorging. Zij vulden drie weken voor de start van COMET vragenlijsten in (M1), bij de start van COMET (M2) en aan het einde ervan (M3). In een ‘intention to treat-analyse’ waarbij ontbrekende scores waren geïmputeerd volgens de ‘last observation carried forward-procedure’, bleken er tijdens de baseline geen significante verbeteringen te zijn opgetreden, terwijl dit tijdens COMET wel gebeurde op alle uitkomstvariabelen. Beperkingen van de studie en mogelijke implicaties van de resultaten worden besproken.

Abstract

While several methods have been proven to be effective in the treatment of generalized anxiety disorder (GAD), efficacy is still worse than in most other anxiety disorders. It is suggested that this state of affairs is caused by the relative paucity of treatment methods specifically aimed at the most identifying features of GAD. Since worry is considered to be the most identifying aspect of the disorder, several promising new treatment methods targeting specifically the worry component have been developed. One of these new methods is Competitive Memory Training (COMET) for worrying and rumination. After a short introduction with a case illustration, a first baseline controlled pilot study into the effectiveness of this method is presented. 35 Patients received six sessions of COMET in groups, while their regular therapy continued. They filled in questionnaires three weeks before the start of COMET (M1), at the start of COMET (M2) and at the end of it (M3). In an intention to treat analysis in which missing values were substituted by the last observation carried forward (LOCF) procedure, no changes during baseline could be detected, while during COMET significant progress was realized at all outcome variables. Limitations of the study and possible implications of the results are discussed.

Referenties

  1. American Psychiatric Association (APA) (1987). Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, 3 revised edition (DSM-III).rd Washington: American Psychiatric Association. Google Scholar
  2. American Psychiatric Association (APA) (1994). Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, 4 edition (DSM-IV).th Washington: American Psychiatric Association. Google Scholar
  3. American Psychiatric Association (APA) (2000). Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, 4 edition, text revision (DSM-IV-TR)th. Washington: American Psychiatric Association. Google Scholar
  4. Arntz, A. (2003). Cognitive therapy versus applied relaxation as treatment of generalized anxiety disorder. Behaviour Research and Therapy, 41, 633-646.Google Scholar
  5. Barlow, D.H., Rapee, R.M., & Brown, T.A. (1992). Behavioral treatment of generalized anxiety disorder. Behavior Therapy, 23, 551-570.Google Scholar
  6. Behar, E., DiMarco, I.D., Hekler, E.B., Mohlman, J., & Staples, A.M. (2009). Current theoretical models of generalized anxiety disorder (GAD): Conceptual review and treatment implications. Journal of Anxiety Disorders, 23, 1011-1023. Google Scholar
  7. Bijl, B.V., Zessen, G. van, & Ravelli, A. (1997). Psychiatrische morbiditeit onder volwassenen in Nederland: het NEMESIS-onderzoek II. Prevalentie van psychiatrische stoornissen. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 141, 2453-2460.Google Scholar
  8. Boeijen, C., Visser, S., & Balkom, A. van (2001). Gegeneraliseerde angststoornis. In: A. van Balkom, P. van Oppen, & R. van Dyck (red.), Behandelingsstrategieën bij angststoornissen (pp. 118-145). Houten: Bohn Stafleu van Loghum. Google Scholar
  9. Borkovec, T.D., Alcaine, O.M., & Behar, E. (2004). Avoidance theory of worry and generalized anxiety disorder. In: R.G. Heimberg, C.L. Turk, & D.S. Mennin (eds.), Generalized anxiety disorder. Advances in research and practice (pp. 77-108). New York: The Guilford Press.Google Scholar
  10. Borkovec, T.D. & Whisman, M.A. (1996). Psychosocial treatments for generalized anxiety disorder. In: M. Mavissakalian & R. Prien (eds.), Long-term treatment of anxiety disorders (pp. 171-197). Washington D.C.: American Psychiatric Association.Google Scholar
  11. Borkovec, T.D., Wilkinson, L., Folensbee, R., & Lerman, C. (1983). Stimulus-control applications to the treatment of worry. Behaviour Research and Therapy, 21, 247-251.Google Scholar
  12. Brewin, C.R. (2006). Understanding cognitive behaviour therapy: a retrieval competition account. Behaviour Research and Therapy, 44, 765-784.Google Scholar
  13. Bruin, G.O. de, Rassin, E., Heiden, C. van der & Muris, P. (2006). Psychometric properties of a Dutch version of the Intolerance of Uncertainty Scale. Netherlands Journal of Psychology, 62, 91-97.Google Scholar
  14. Carter, R.M., Wittchen, H.U., Pfister, H., & Kessler, R.C. (2001). One-year prevalence of sub-threshold and threshold DSM-IV generalized anxiety disorder in a nationally representative sample. Depression & Anxiety, 13, 78-88.Google Scholar
  15. Cohen, J. (1988). Statistical power analysis for the behavioural sciences. Second edition. Hillsdale (N.J.): Lawrence Erlbaum Associates.Google Scholar
  16. Craske, M.G. (1999). Anxiety Disorders: Psychological Approaches to Theory and Treatment. Boulder (Col): Westview Press.Google Scholar
  17. Davey, G.C.L. (1994). Pathological worrying as exacerbated problem-solving. In: G. Davey & F. Tallis (eds.), Worrying. Perspectives on theory, assessment and treatment (pp. 35-61). Chichester: Wiley.Google Scholar
  18. Dugas, M.J. (2000). Generalized anxiety disorder publications: So where do we stand? Journal of anxiety disorders, 14, 31-40.Google Scholar
  19. Dugas, M.J., Gagnon, F., Ladouceur, R., & Freeston, M.H. (1998). Generalized anxiety disorder: a preliminary test of a conceptual model. Behaviour Research and Therapy, 36, 215-226.Google Scholar
  20. Dugas, M.J. & Ladouceur, R. (2000). Treatment of generalized anxiety disorder: Targeting intolerance of uncertainty in two types of worry. Behavior Modification, 24, 635-658.Google Scholar
  21. Durham, R.C., Murphy, T., Allen, T., Richard, K., Treliving, L.R., & Fenton, G.W. (1994). Cognitive therapy, analytic psychotherapy, and anxiety management training for generalized anxiety disorder. British Journal of Psychiatry, 165, 315-323.Google Scholar
  22. D’Zurilla, T.J. & Goldfried, M.R. (1971). Problem solving and behavior modification. Journal of Abnormal Psychology, 78, 107-126.Google Scholar
  23. Emmelkamp, P., Bouman, T., & Scholing, A. (2000). Angst, fobieën en dwang: diagnostiek en behandeling. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.Google Scholar
  24. Ekman, P. & Davidson, R.J. (1994). The nature of emotion: fundamental questions. New York: Oxford University Press.Google Scholar
  25. Fisher, P.L. (2006). The efficacy of psychological treatments for generalised anxiety disorder. In: G.C.L. Davey & A. Wells (eds.), Worry and its psychological disorders: Theory, Assessment & Treatment (pp. 359-378). Chichester: Wiley. Google Scholar
  26. Freeston, M.H., Rhéaume, J., Letarte, H., Dugas, M.J., & Ladouceur, R. (1994). Why do people worry? Personality and Individual Differences, 17, 791-802.Google Scholar
  27. Gaag, M. van der & Korrelboom, C.W. (2006). Competitive Memory Therapy (COMET) bij auditieve hallucinaties. In: M. van de Gaag, F. Withaar, & C.J. Slooff (red.), Cognitieve gedragstherapeutische behandelingen bij mensen met een psychose (pp. 95-113). Den Haag: Kenniscentrum Schizofrenie Nederland. Google Scholar
  28. Gould, R.A., Otto, M.W., Pollack, M.H., & Yap, L. (1997). Cognitive behavioural and pharmacological treatment of generalized anxiety disorder: a preliminary meta-analysis. Behavior Therapy, 28, 285-305.Google Scholar
  29. Guijken, K., Dommanschet, C., & Korrelboom, C.W. (2008). COMET: de behandeling van obsessies met contraconditionering. Directieve therapie, 28, 251-272. Google Scholar
  30. Heiden, C. van der & Broeke, E. ten. (2009). The When, Why, and How of Worry Exposure. Cognitive and Behavioral Practice, 16, 386-393. Google Scholar
  31. Heiden, C. van der, Methorst, G., Stigter, E. de, & Muris, P. (2008). Gegeneraliseerde angststoornis. Diagnostische overwegingen en aanbevelingen voor de praktijk. Gedragstherapie, 41, 281-302.Google Scholar
  32. Heiden, C. van der, Muris, P., Bos, A.E.R., Molen, H. van der, & Oostra, M. (2009). Normative data for the Dutch version of the Penn State Worry Questionnaire. Netherlands Journal of Psychology, 65, 69-75. Google Scholar
  33. Heiden, C. van der, Muris. P., & Molen, H. van der (2005). De gegeneraliseerde angststoornis: recente ontwikkelingen in theorie en behandeling. Directieve therapie, 25, 317-348.Google Scholar
  34. Hoyer, J., Beesdo, K., Gloster, A.T., Runge, J., Höfler, M., & Becker, E.S. (2009). Worry Exposure versus Applied Relaxation in the Treatment of Generalized Anxiety Disorder. Psychotherapy and Psychosomatics, 78, 106-115.Google Scholar
  35. Jacobson, N.S. & Truax, P. (1991). Clinical significance: a statistical approach to defining meaningful change in psychotherapy research. Journal of Consulting and Clinical Psychology, 59, 12-19.Google Scholar
  36. Korrelboom, C.W., Gaag, M. van der, Hendriks, V.M., Huijbrechts, I., & Berretty, E.W. (2008). Treating Obsessions With Competitive Memory Training: A Pilot Study. The Behavior Therapist, 31, 29-36. Google Scholar
  37. Korrelboom, C.W., Weele, K. van der, Gjaltema, M., & Hoogstraten, C. (2009). Competitive Memory Training for Treating Low Self-Esteem: A Pilot Study in a Routine Clinical Setting. The Behavior Therapist, 32, 3-8. Google Scholar
  38. Korrelboom, C.W., Jong, M. de, Huijbrechts, I., & Daansen, P. (2009). Competitive Memory Training (COMET) for treating low self-esteem in patients with eating disorders: a randomized clinical trial. Journal of Consulting and Clinical Psychology, 77, 974-980. Google Scholar
  39. Korrelboom, C.W., Peeters, J., Blom, S., & Huijbrechts, I. (2008). Competitive memory training voor paniekstoornis. Directieve therapie, 28, 233-250. Google Scholar
  40. Korrelboom, C.W., Visser, S., & Broeke, E. ten (2004). Gegeneraliseerde angststoornis: wat is het en wat kun je ertegen doen? Directieve therapie, 24, 1-22.Google Scholar
  41. Landelijke Stuurgroep Multidisciplinaire Richtlijnontwikkeling in de GGZ (2003). Multidisciplinaire richtlijn angststoornissen. Richtlijn voor diagnostiek, behandeling en begeleiding van volwassen cliënten met een angststoornis. Utrecht: Trimbos-instituut.Google Scholar
  42. Meyer, T.J., Miller, M.L., Metzger, R.L., & Borkovec, T.D. (1990). Development and validation of the Penn State Worry Questionnaire. Behaviour Research and Therapy, 28, 487-495. Google Scholar
  43. Olij, R.J.B., Korrelboom, C.W., Huijbrechts, I.P.A.M., Jong, M. de, Cloin, P.A., Maarsingh, M., & Paumen, B.N.W. (2006). De module zelfbeeld in een groep: werkwijze en eerste bevindingen. Directieve therapie, 26, 307-325.Google Scholar
  44. Öst, L.G. & Breitholtz, E. (2000). Applied Relaxation vs. cognitive therapy in the treatment of generalized anxiety disorder. Behaviour Research and Therapy, 38, 777-790.Google Scholar
  45. Ploeg, H.M. van der (1982). De Zelf-Beoordelings Vragenlijst (STAI-DY). De ontwikkeling en validatie van een Nederlandstalige vragenlijst voor het meten van angst. Tijdschrift voor Psychiatrie, 24(9), 576-588.Google Scholar
  46. Ploeg, H.M. van der (2000). Handleiding bij de Zelf Beoordelings Vragenlijst. Een Nederlandse bewerking van de Spielberger State-Trait Anxiety Inventory, STAI-DY. Lisse: Swets & Zeitlinger. Google Scholar
  47. Ploeg, H.M. van der, Defares, H.M., & Spielberger, C.D. (1980). Handleiding bij de Zelf Beoordelings Vragenlijst. Een Nederlandse bewerking van de Spielberger State-Trait Anxiety Inventory, STAI-DY. Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  48. Rijsoort, S. van, Emmelkamp, P., & Vervaeke, G. (1999). The Penn State Worry Questionnaire and the Worry Domains Questionnaire: structure, reliability and validity. Clinical Psychology and Psychotherapy, 6, 297-307. Google Scholar
  49. Rijsoort, S. van, Vervaeke, G., & Emmelkamp, P. (1997). The Penn State Worry Questionnaire en de Worry Domains Questionnaire: eerste resultaten bij een normale Nederlands populatie. Gedragstherapie, 30, 121-128.Google Scholar
  50. Roemer, L. & Orsillo, S.M. (2002). Expanding our conceptualization of and treatment for generalized anxiety disorder: integrating mindfulness/acceptance-based approaches with existing cognitive behavioural models. Clinical Psychology: Science and Practice, 9, 54-68.Google Scholar
  51. Spielberger, C.D., Gorsuch, R.L., & Lushene, R.E. (1970). STAI Manual for the State-Trait Anxiety Inventory. Palo Alto (Ca): Consulting Psychologists Press.Google Scholar
  52. Wells, A. (1995). Metacognition and worry: A cognitive model of generalized anxiety disorder. Behavioural and Cognitive Psychotherapy, 23, 301-320.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2009

Authors and Affiliations

  • Sabine Martens
    • 1
    Email author
  • Kees Korrelboom
  • Irma Huijbrechts
  1. 1.

Personalised recommendations