Advertisement

Medisch Farmaceutische Mededelingen

, Volume 38, Issue 2, pp 35–35 | Cite as

heparineHeparine per os

Humane farmacologie
  • 12 Downloads

Heparines kunnen niet per os worden gegeven. Het zijn glucosaminen, gebonden aan L-iduronzuur of D-glucuronzuur. Ze hebben een mol.gewicht van 5.000 tot 30.000. Hun negatieve lading en hun molecuulgrootte verhinderen opname door de cel; ze worden in de tractus digestivus nauwelijks geresorbeerd.

Uit de experimentele farmacologie is bekend dat bepaalde aminozuren, die zijn voorzien van een N-acetylgroep, het transport van grootmoleculaire stoffen door de cel faciliteren. FitzGerald e.a. (1998) ontwikkelden met deze voorkennis een verbinding met de boeiende naam N-[8(-2hydroxybenzoyl)]caprylaat, afgekort SNAC, heparineSNAC. In hoge doses geeft deze stof bij makaken een verlaging van de glucosespiegel door versnelde insulineopname.

SNAC bleek in hun apenmodel een bruikbare hulpstof om heparine via het maagdarmkanaal te doen opnemen.

Het onderzoek werd uitgebreid naar de mens. De proefpersonen kregen 2,5 g SNAC (met smaakcorrigens) en 30.000 tot 150.000 IE heparine, aanvankelijk rechtstreeks in de maag gebracht via maagslang, maar in tweede ronde oraal. Het onderzoek was gecontroleerd en gerandomiseerd (versus placebo). Het effect op de stolling was als van heparine i.v.: verhoging van de factoren anti-IIa en -Xa en van het ‘natuurlijke’ anticoagulans TFPI (Tissue Factor Pathway Inhibitor), alsmede een verlenging van de aPTT. Afzonderlijk toegediend had geen van beide stoffen effect.

SNAC smaakt erg bitter, zodat een smaakcorrigens nodig was. Doses van ruim 10 gram veroorzaakten nogal eens misselijkheid en braken. Bij dit experiment moeten enkele kritische kanttekeningen worden geplaatst (de auteurs doen dat ook). Het aantal proefpersonen was klein (12, met 3 uitvallers). Men mag verwachten, zoals bij vele oraal toegediende stoffen, dat de resorptie via het maagdarmkanaal wisselend kan zijn, zodat dan toch weer de situatie ontstaat die antistolling met coumarines kenmerkt. Maar het onderzoek biedt ook hoop: kunnen geneesmiddelen die nu nog parenteraal worden toegediend door faciliterende hulpstoffen ooit eens langs orale weg worden gegeven? Voor veel patiënten zou dat een zegen zijn.

Literatuur

  1. Baughman RA. Circulation 1998; 98: 1610-5.CrossRefGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2000

Personalised recommendations