Huisarts en wetenschap

, Volume 57, Issue 1, pp 34–38

Oesofaguscarcinoom

Authors

    • afdeling Maag-, Darm- en LeverziektenUMC
  • Richard van Hillegersberg
    • afdeling Maag-, Darm- en LeverziektenUMC
  • Peter Siersema
    • afdeling Maag-, Darm- en LeverziektenUMC
Nascholing

DOI: 10.1007/s12445-014-0015-z

Cite this article as:
Kestens, C., van Hillegersberg, R. & Siersema, P. HUISARTS WETENSCHAP (2014) 57: 34. doi:10.1007/s12445-014-0015-z
  • 65 Views

Samenvatting

Kestens C, Van Hillegersberg R, Siersema PD. Oesofaguscarcinoom. Huisarts Wet 2014;57(1):34-8.

Het slokdarm- of oesofaguscarcinoom komt in westerse landen steeds vaker voor. De stijging komt vooral op het conto van adenocarcinomen, met barrettoesofagus als belangrijke risicofactor. Door nieuwe behandeltechnieken is de overleving voor zowel het adeno- als het plaveiselcelcarcinoom wel verbeterd, maar de mortaliteit blijft hoog. Als de tumor niet is ingegroeid in vitale organen en nog geen metastasen heeft ontwikkeld, is chirurgische resectie de aangewezen behandeling. Minimaal invasieve technieken zijn daarbij sterk in opmars, maar veelal voorbehouden aan gespecialiseerde centra. Neoadjuvante radio- en chemotherapie voor de operatie vergroot de overlevingskans.

Patiënten in een vergevorderd stadium of met een slechte algemene conditie krijgen een individuele palliatieve behandeling, bestaande uit chemotherapie, al dan niet gecombineerd met radiotherapie. Bij dysfagie kan een stent worden geplaatst, zodat eten mogelijk blijft.

kankernascholingmaagdarmaandoeningen

Abstract

Kestens C, Van Hillegersberg R, Siersema PD. Oesophageal cancer. Huisarts Wet 2014;57(1):34-8.

Oesophageal cancer is becoming more common in Western countries. This increase is due to adenocarcinomas, with Barrett’s oesophagus as important risk factor. Although new treatment modalities have improved the survival of patients with adenocarcinoma or basal cell carcinoma, mortality still remains high. Surgical resection is indicated if the tumour has not invaded vital organs and there are no metastases. Minimally invasive techniques are becoming popular but are usually used in specialized centres only. Neoadjuvant radiotherapy or chemotherapy before surgery improves survival. Patients with advanced cancer or with a poor general condition should be offered palliative therapy, consisting of chemotherapy with or without additional radiotherapy. A stent can be placed in patients with dysphagia, so that they can eat.

Copyright information

© Bohn, Stafleu van Loghum 2014